Het laatste nieuws
Het laatste nieuws
 
 
© Alex van Zaanen+ Madouc Linders (U13) tijdens het RSK Noord-Holland.

Backhand of around the head?

© Alex van Zaanen+ Madouc Linders (U13) tijdens het RSK Noord-Holland.

Regelmatig krijg ik vragen en opmerkingen over de voorkeur van de backhand (BH) ten opzichte van de around the head (ARH). Zo ook weer naar aanleiding van mijn artikel over chain-of-events-training.

LET OP: De verantwoordelijkheid voor de inhoud en publicatie van dit artikel ligt bij de oorspronkelijke auteur.
Let op: dit artikel mag niet gedeeltelijk of geheel elders gepubliceerd worden.

Het leek me dan ook een goed idee om daar eens wat dieper op in te gaan, want er bestaan een hoop misverstanden over. Het is handig de feiten op een rijtje te zetten. Net als bijna in alles verloopt de ontwikkeling van een speler in golfbewegingen waar je dingen wel en niet doet al naar gelang welke niveau je op dat moment hebt of in welke ontwikkelingsfase je bent.

Opbouw in leeftijd en niveau

Als meest eenvoudige voorbeeld kan je de verhouding tussen forehand (FH) en backhand (BH) nemen. Van U9- tot U13-speler zal de FH altijd je sterkste wapen zijn en zal je moeite hebben met de BH. Van U13 tot U15 zie je de BH opkomen gewoon om dat de techniekontwikkeling voor het spelen van een goede BH mogelijk wordt en de echte kracht over het algemeen nog ontbreekt om een ARH te kunnen spelen. Let wel: dan heb ik het niet over de armkracht maar de kracht in het voetenwerk. De BH kost veel minder kracht en energie in het voetenwerk dan de ARH en dus wordt er veel gebruik gemaakt van de BH bij jonge spelers. De tactiek wordt er dan ook op aangepast: jonge spelers probeer je zoveel mogelijk weg te halen uit de BH-hoek om ruimte te maken.

Het trainen van een BH is dus noodzaak op jonge leeftijd en dat zeg ik vanuit een techniekoogpunt en met oog voor waar de speler vandaan komt ten opzichte van de te spelen slag. Dat betekent dat als een speler van ver moet komen, je de BH gebruikt en je dus ook traint op waar voetenwerk in combinatie met de BH-techniek wordt gebruikt. Met jonge spelers doe je ook training voor de ARH maar dan juist gericht op weinig voetenwerk. Je gebruikt de ARH dus zoveel mogelijk alleen als je dicht bij de shuttle bent en weinig hoeft te lopen. Er is een uitzondering en dat is als de shuttle direct in je flight corridor (FC) wordt gespeeld, dus bijvoorbeeld als je een cross lob krijgt op je BH en je staat zelf in het midden van de baan. Het is een tactiekfout die veel voor komt op verschillende niveaus.

Vanaf U15/U17 begint het voetenwerk in kracht toe te nemen en zie je dus dat er meer ARH wordt gespeeld. De training moet in deze leeftijd dan ook worden aangepast. In deze tijd gaat de training zich verleggen naar het hoger nemen van de shuttle aan het net en een hogere racket recovery juist om de ARH mogelijk te maken en het voetenwerk te helpen door de neurologisch korte banen te volgen (zie het artikel voor COE-training). Er is op deze leeftijd nog steeds een balans tussen de wapens van de FH-kant en de BH/ARH-kant, omdat de snelheid waarmee alle hoeken kunnen worden bespeeld nog niet evenredig goed zijn. Hierdoor is de met name de FH nog een relatief gevaarlijke hoek. Met de snelheid waarmee de hoeken bespeeld kunnen worden moet je ook weer denken aan het voetenwerk: dat is hier voor 75% voor verantwoordelijk terwijl het ontbreken van kracht in de slagtechniek maar voor 25% verantwoordelijk is voor het missen van evenredige snelheid in alle hoeken.

Vanaf de U17/U19 wordt het gat in snelheid snel kleiner omdat de meeste spelers nu voldoende kracht hebben naar en in alle hoeken. Deze krachtontwikkeling zorgt er ook voor dat de FH niet langer het meest gevaarlijk wapen is, dat heeft zich nu verschoven naar de ARH. De verklaring daarvoor is ook heel logisch: de snelheid op de FH zorgt er voor dat de shuttle makkelijk buiten de flight corridor (FC) kan worden gespeeld en de kracht en mogelijkheden dan snel afnemen. Op de ARH daarentegen is het niet zo eenvoudig buiten de FC te spelen en gaat de shuttle juist vaak de FC in. Daar is dan dus ook de maximale kracht uit te halen. De tactiek heeft zich nu verschoven, want het gevaar komt nu van de BH/ARH-kant en niet langer van de FH-kant.

Ook op eliteniveau is dit ook nog steeds zo, maar daar komt de BH weer meer terug als opbouwslag of om de rally weer onder controle te krijgen. De BH wordt niet vaak gebruikt als puntmaker, gewoon omdat het te veel nadelen heeft. Je verliest overzicht, het is ver buiten het bereik van de maximale kracht en is zelden tempo verhogend. Er zijn natuurlijk uitzonderingen zoals de Taufik Hidayat BH-smash.Het succes van deze situatie is ook gelijk de bevestiging dat het normaal op eliteniveau niet werkt. De tegenstander van Taufik is verrast door de slag omdat het zelden voorkomt.

De ontwikkeling van het nemen van een BH of een ARH heeft dus voor het grootste deel te maken met de ontwikkeling van kracht. Dit is voor jongens en meisjes verschillend, maar voor de training tot U15 maakt dat geen verschil. Techniektraining van de BH is in deze leeftijd van groot belang. Vaak wordt de focus van de BH-techniek gelegd juist op datgene wat deze spelers niet hebben, namelijk de kracht.

Techniek training U11/U13

Ik ben een voorstander van twee-vinger-techniek bij het aanleren van de BH bij jonge spelers. Je laat ze drie vingers in hun handpalm houden (pink, ring en middelvinger) en het racket vasthouden met de duim en wijsvinger. Wijs met de elleboog naar de shuttle en de onderarm volledig geproneerd naar beneden laten hangen. Het racketblad is nu gelijk aan de zijlijn. Met het racketblad beschrijf je nu een halve cirkel naar omhoog uitstrekkend. De rotatiebeweging alleen moet de shuttle als een drop over het net spelen met enkel en alleen maar het gebruik van de wijsvinger en de duim. Het grote voordeel van deze techniek is dat de spelers geen kracht kúnnen gebruiken. Het trainen van een BH-drop kan niet vaak genoeg worden gedaan en er niets verkeerds aan. Vaak hoor ik trainers zeggen dat ze de spelers geen BH willen aanleren, omdat ze ARH moeten spelen: dommemanspraat.

Waar je op moet letten bij deze jonge spelers als ze een BH slaan, is dat ze hun rechtervoet hebben neer gezet voor ze de shuttle slaan. Maar al te vaak zie je spelers kracht proberen te halen door de voet met kracht neer te zetten in het slagmoment. Shuttles worden ongeleide projectielen en gaan elke kant op behalve de goede. Het is een misvatting dat de kracht zou kunnen komen van een contrabeweging. De kracht komt juist van de grond via je benen en romp naar je racket. Ook hier gaat het om beheerste techniektraining en geen onbehouwen kracht.

Ook voor zulke jonge kinderen vind ik het belangrijk de beweging zo kort mogelijk te houden. Op de baan mag de beweging wel langer zijn, want dat is eenvoudiger voor ze, maar laat ze buiten de baan ook perfect de beweging uitvoeren zonder shuttle. Het kan zelfs huiswerk zijn om iedere dag een paar honderd keer een beweging te maken, laat ze het zo snel mogelijk doen. De snelheid waarmee ze een beweging uitvoeren is de krachttraining van het badminton. Het gaat namelijk helemaal niet om kracht: het gaat om de snelheid en met de snelheid krijg je een bijproduct en dat is kracht.

Het volgende waar je naar kan gaan kijken is de ontspanning in het slagmoment. Het is zo gewoon dat spelers bijvoorbeeld hun adem inhouden op het slagmoment: daar gaat ongeveer 30% van de kracht mee verloren. Laat spelers duidelijk uitademen op het slagmoment en het moet controleerbaar zijn, dus ze moeten over drijven. Zodra ze dit kunnen en durven te doen, dan moet het uitademen als krachtbron worden gebruikt door het uitademen in een stoot. Dat doe je het best door te schreeuwen. Het probleem is dat ik voor elke leeftijdsgroep wel een boek zou kunnen schrijven over hoe je er mee kan trainen.

U13/U15 trainingen

Door meer kracht in het voetenwerk zal er steeds meer ARH in de training komen, maar de BH is nog steeds een van de belangrijkste slagen. De training van de ARH zal zoveel mogelijk gedaan moeten worden met weinig beweging naar de shuttle en de beweging die er gedaan moet worden is vaak van voor naar achter en niet zo zeer van FH- naar BH-kant. In zijwaartse bewegingen is er sprake van een veel hogere belasting van de kniegewrichten, heup en rug. Met name meisjes kunnen hier veel problemen mee krijgen op deze leeftijd. Mijn voorkeur is dan ook om in zijwaartse looppatronen zoveel mogelijk BH te spelen en in voor achter patronen meer gebruik te maken van de ARH. In de tactiektraining heeft dit tot gevolg dat de speler de FH-kant iets meer open laat en dus dichter tegen de BH/ARH-kant blijft staan. Cross drops vanaf de FH-kant worden zoveel mogelijk vermeden, omdat dit juist het zijwaartse looppatroon aanmoedigt en dus een BH tot gevolg heeft. In deze leeftijdsgroep is de BH een slag waarbij je onder druk komt te staan. De kracht ontbreekt om je vrij te slaan dus zal je tegenstander het net op zoeken en je met je voetenwerk onder druk zetten.

In de kwaliteit van de training ga je er vooral op letten dat de speler lange en niet hoge wissel-op-sprongen gaat maken. Omhoog springen heeft een aantal nadelen:

  • 1. je bent snel uit balans omdat je zwaartepunt veel hoger komt te liggen in je landing
  • 2. je bent te laat in de start van je voetenwerk na de landing omdat je rechterbeen langer in de lucht is dan je linker en je dus niet kan starten met je eerste pas
  • 3. je gewicht ligt achter en dus moet je werken voor een gewichtsverplaatsing

De voordelen van een lage maar lange wissel-op-sprong zijn hiermee dus ook gelijk aangegeven:

  • 1. je bewaart veel eenvoudiger je balans door een laag zwaartepunt
  • 2. beide voeten zijn bijna gelijktijdig op de vloer en je hebt dus een snelle start
  • 3. je gewicht ligt al direct in de looprichting en je spaart dus energie door van de natuurlijke zwaartekracht gebruik te maken
  • Dit soort voetenwerkgedachten hebben natuurlijk ook invloed op de tactiek. Als je een sprong maakt zoals de eerste (de hoge wissel-op-sprong) moet je in de regel dus nóóit een cross spelen, gewoon omdat je jezelf onder druk zet en altijd te laat zal zijn bij de volgende shuttle. Als tegenstander van iemand met een hoge wissel-op-sprong hoop je altijd dat je een cross krijgt, want dan weet je twee dingen zeker, namelijk dat je je tegenstander eenvoudig onder druk kan zetten en dat je een tegenstander heb die niet nadenkt.

    Bij het voetenwerk in de lage wissel-op-sprong kan je overal spelen en laat je je tegenstander dus in het ongewis. Dat is ruimte en tijd scheppend voor jouw spel. De cross is een voor de hand liggende slag, omdat je zeer veel loopsnelheid hebt en gelijk met je gespeelde shuttle mee kan lopen.

    U15/U17 trainingen

    Hier gaan we langzaam aan ook de zijwaartse loopbeweging gebruiken om de ARH te spelen. Door de toegenomen kracht in de beenspieren en het daardoor krachtigere voetenwerk wordt dit op verantwoordelijke wijze mogelijk. Let er wel altijd op dat de leeftijd die ik aangeef alleen een richtlijn is. Het bijbehorende niveau kan van speler tot speler wisselen. Het is heel zeker verschillend tussen jongens en meisjes in deze leeftijd. Meisjes krijgen door de hormonale veranderingen te maken met een lager zwaartepunt, de bekken draaien iets naar buiten waardoor ook het voetenwerk iets gaat veranderen. Bij jongens werken de hormonale veranderingen juist in het voordeel van het voetenwerk, de toegenomen kracht maakt het trainen van volwassen badminton mogelijk.

    Een van de belangrijkste veranderingen in de training is de hoogte aan het net waarop de shuttle nu wordt aangenomen en de positie van het racket na elke actie aan het net. De training moet er op gericht zijn te voorkomen dat de BH gespeeld móét worden. Let op: het mág wel, maar dan moet het in dienst staan van iets. Dat iets zou kunnen zijn om de rust te herstellen na een onder-druk-situatie of omdat er voor wordt gekozen de shuttle rustig rond te spelen. Op elke training op deze hoek móét worden aangegeven dat het links uitstappen op de BH de voorkeur heeft. Als je later als Lee Chong Wei en Wang Xin bent, mag je rustig met rechts uitstappen, maar tot die tijd doe je wat ik zeg.

    Er moet veel aandacht worden besteed aan de kwaliteit van de ARH. Het racket moet zoveel mogelijk voor het hoofd worden gehouden om je aan te passen aan de snellere aanspeelsnelheid van de shuttle in deze hoek. De slagbeweging moet worden ingekort tot een zeer minimale beweging.

    In het voetenwerk moet een begin worden gemaakt met rapid deceleration in de landing van de ARH-sprong. Doorzakken in de benen moet tot een minimum worden beperkt. De training wordt in detail veel meer technisch. In deze leeftijdsgroep zie je ook het verschil ontstaan met landen zoals Denemarken. Hier begint het verschil in benadering te ontstaan en lopen de Denen weg van de rest van Europa. In de fase tussen de U15 en de U17 gaan de spelers in Denemarken kiezen voor elite badminton: het is niet alleen een keuze in de hoeveelheid training maar ook het type training.

    In Nederland zouden we de training voor deze spelers ook moeten aanpassen vooral, omdat het een grote tactiekverandering is in de manier van spelen. Dit heb ik in Nederland of BelgiĆ« nog nóóit gezien, er wordt nagenoeg geen aandacht aan besteed. In deze leeftijdsgroep verschuift de aandacht vaak alleen maar naar harder en meer fysiek trainen en ontstaat de eenheidsworst.

    U17/U19 trainingen

    Nu gaan we echt overschakelen naar de ARH als aanvalswapen en wordt de FH veel meer de stuurhoek. De grootste tactiekfout in de leeftijdsgroepen hiervoor om een cross clear te spelen wordt nu veel meer een algemene slag om niet op de ARH van de tegenstander te hoeven te spelen. Het aanspelen op de BH/ARH-kant wordt veel vlakker om het wapen van de ARH weg te nemen. De speler gaat veel meer gebruik maken van positioneel voetenwerk. Oploopvoetenwerk en techniek worden aangepast en volgen veel meer de shuttlevlucht. Er wordt nagenoeg alleen nog maar van de achterlijn naar voor gelopen in gewone loopvorm en geen chasse meer. Door deze aanpassingen wordt het voetenwerk veel rustiger en is het makkelijker voor de speler positioneel voetenwerk effectiever te maken.

    Er moet veel aandacht worden besteed aan de verdediging van de cross aanvalsslagen, omdat er relatief veel ruimte wordt opengelaten. Het trainen van grote uitvalspassen krijgt meer plaats op de training.

    De training zal voor een groot deel bestaan uit het schakelen tussen opdrachten. Tactieken gaan in een wedstrijd veel minder lang succes hebben en je zal dus vaak na 4 of 5 punten je spel weer moeten aan passen. Dit schakelen in je eigen spel en het antwoord schakelen op het spel van je tegenstander is het meest belangrijke wat je als speler moet leren. Veel te vaak zie je dat spelers niet nadenken en analyseren wat er gebeurt op een baan. Het is van groot belang dat een speler ook zelf kan zien wat er gebeurt en niet afhankelijk is van de coach om hem dat altijd te moeten vertellen. Dus herkenningtraining van wat er op de baan gebeurt is belangrijk. Als trainer stel je vragen aan je spelers en stop je met ze dingen alsmaar te vertellen: dat maakt luie en domme spelers.

    Algemeen

    De ontwikkeling die ik van U9 naar U19 heb beschreven is dus een ontwikkeling van kind naar volwassen speler voor het spel vanaf de achterlijn. Verreweg de meeste spelers zullen na de U19 geen grote veranderingen meer doormaken. De BH blijft een slag die je gebruikt als je in de problemen bent gekomen of als je weer rust wil krijgen in je spel en dus een wat lager tempo gaat spelen. De ARH zal je beste wapen zijn terwijl je de FH zal gebruiken om je zelf vrij te spelen en minder de aanval zal kiezen. De reden hiervoor is zoals eerder beschreven het feit dat je vaak te maken hebt met een shuttle die zich buiten de flight corridor bevindt en je zal dus minder kracht hebben en vaak de hoek ten opzichten van de shuttle moeten aanpassen met je grip.

    Een enkeling zal dit niveau ontspringen en de stap kunnen maken naar het internationale badminton. Ook hier zie je weer dat relatief veel spelers internationaal gaan spelen, maar daar alleen maar een klein bijrolletje spelen. Ranglijsten stellen niet zoveel voor, want lang niet alle spelers van de wereld kunnen voldoende aan toernooien meedoen om punten te krijgen. Dus als je het niet kan halen om tussen de plaats 25 en 50 te staan op zo'n rankinglijst, dan kan je stellen dat je internationaal niet meetelt. En zelfs die plaatsen zijn nog zwaar onvoldoende als je van badminton je beroep wil maken.

    In dit schrijven heb ik aan willen geven dat je als speler verschillende stadia doormaakt en dat het gebruik van een slag wisselt afhankelijk in welke stadium je je bevindt. Dus de vraag of BH ten opzichte van ARH verkeerd is, die kan je niet met ja of nee beantwoorden. Als je U9 tot U13 bent, dan moet je een BH kunnen spelen, van U15/U17 probeer je het te voorkomen, later als volwassen speler wordt het weer een slag die terug gaat komen. Als je het echt kan schoppen tot de wereldtop, dan kan deze zich zelfs tot een wapen ontwikkelen. Daarom is de beschrijving die ik heb gegeven ook van belang, want je moet niet te pas en te onpas BH-training of ARH-training doen: het moet passen in de ontwikkeling van de speler.

    Ron Daniëls

door

Schrijf je in voor de nieuwsbrief!

Je ontvangt enkele keren per jaar een speciale update!

Over de auteur: Ron Daniëls

Je zou denken dat hij alleen hard kan schreeuwen, maar Ron weet vaak de juiste snaar te raken. Misschien daarom wel bekend en berucht tegelijk?

Wat vind jij? Er zijn al 6 waarderingen!

Reacties

+

› lees onze huisregels

Over de auteur: Ron Daniëls

Je zou denken dat hij alleen hard kan schreeuwen, maar Ron weet vaak de juiste snaar te raken. Misschien daarom wel bekend en berucht tegelijk?

TEST

Meer nieuws