Het laatste nieuws
Het laatste nieuws
 
 

Ken je deze spelers al?

De zin en onzin van kokeren

Het zogenaamde kokeren is op dit moment erg populair in badmintonnend Nederland. Vaak wordt kokeren ten onrechte gelijkgesteld aan fysiek trainen, waarbij de shuttles in volstrekt willekeurige volgorde in hoog tempo over de baan gejaagd worden, waarbij de opdracht van de speler is, om alles terug te slaan.

Desondanks zullen spelers zulke trainingen vaak niet als onplezierig ervaren. Ze komen moe, voldaan en soms uitgewoond van de baan, waarderen de individuele aandacht van de trainer hogelijk (speciaal voor hem of haar heeft hij als veredeld shuttlekanon gefungeerd), maar er wordt weinig gecorrigeerd en het doel van het gebodene is vaak niet duidelijk.

Als we gaan kokeren moeten we ons steeds afvragen, wat het doel van de kokeroefeningen is, die we aan de spelers aanbieden.

Hiervoor zijn verschillende argumenten aan te voeren:

  • Het effect van de trainingen zal omhoog gaan, als er wordt getraind op punten, die in directe relatie staan met de individuele leerpunten van de speler.
  • Als het lesdoel aan de betrokken speler wordt verteld, zal de bereidheid om er voor te gaan navenant toenemen.
  • Bij een juiste keuze en een heldere formulering van het lesdoel wordt voorkomen, dat de kokeroefening technische fouten uitvergroot, omdat een onjuiste techniek wordt gekoppeld aan een hoog bewegings- en slagritme.
  • Bij een juiste keuze van het lesdoel, zal er vaak een directe relatie ontstaan tussen de training en de wedstrijd. De speler voelt, dat hij beter kan worden van de training.
  • Als het lesdoel wordt behaald, gaat hiervan een stimulerende werking uit. Daarom is een (korte) evaluatie met de speler belangrijk.

De betrokkenen moeten een duidelijk verband zien tussen de doelstelling en de activiteiten die van ze gevraagd worden.

Lesdoelen kunnen het best geformuleerd worden via de SMART-methode. SMART staat voor:

Specifiek

Omschrijf je doel duidelijk en eenduidig. Beschrijf wat je wilt zien, het gedrag op de baan wordt duidelijk omschreven en het na te streven resultaat wordt beschreven met gebruikmaking van kwantitatieve gegevens (bv. aantal herhalingen, hartfrequentie). Een specifieke doelstelling geeft antwoord op de w-vragen.

  • Wat willen we bereiken?
  • Wie doen er mee?
  • Waar vindt e.e.a. plaats?
  • Wanneer vinden de oefeningen plaats?
  • Welke onderdelen van de training zijn essentieel?
  • Waarom trainen we juist dit?

De betrokkenen moeten een duidelijk verband zien tussen de doelstelling en de activiteiten die van ze gevraagd worden.

Meetbaar

  • Hoe kunnen we het resultaat meten?
  • Hoeveel shuttles/kokers dienen er geslagen te worden?
  • Hoe lang mogen we er over doen?
  • Hoe lang zijn de intervallen?

Acceptabel

We moeten ervoor zorgen, dat er draagvlak is voor wat we willen trainen. Als de speler de oefening eigenlijk niet accepteert, dan zal het onmogelijk zijn, de doelstelling te halen.

Realistisch

Als op voorhand duidelijk is, dat de gestelde doelstelling niet gehaald kan worden, dan zal deze bijgesteld moeten worden. Het lesdoel moet te halen zijn, maar moet wel moeite kosten. Een te gemakkelijk te halen doelstelling is niet interessant, het brengt immers niet het beste in een speler naar boven.

Tijd

Een SMART-doelstelling heeft een duidelijk startpunt en eindpunt. Met name korte-termijndoelen moeten SMART zijn. Bij lange-termijndoelen is dat niet altijd mogelijk. Als we gaan kokeren moeten we met bovenstaande zaken rekening houden!

Welke vormen van kokeren kunnen we zoal onderscheiden?

  • Technisch kokeren: Er wordt een bepaalde techniek ingeoefend. Het tempo bij deze vorm van kokeren moet laag liggen. De techniek wordt nog niet (helemaal) beheerst. Het gevaar bij technisch kokeren onder druk is, dat een foute techniek onder te hoge druk wordt geautomatiseerd. Leg bij het technisch kokeren daarom de oefening gerust stil, als er technische aanwijzingen nodig zijn.
  • Fysiek kokeren: In een hoog tempo worden de shuttles aangegeven, waarbij het doel kan zijn om bijvoorbeeld snelheidstraining of tempotraining te geven. Het spreekt vanzelf, dat dit consequenties heeft voor de duur van de oefening. Snelheidstraining kent een maximumtijd van 20 seconden, tempotraining (weerstandstraining) traint het vermogen van het lichaam om met zuurstofschuld te trainen. De oefening duurt dan langer.
  • Positioneel kokeren dubbelspel. De trainer oefent met zijn spelers bepaalde positionele situaties in een dubbelspel, zoals het oefenen van overnames in de aanval in het dubbelspel. In de aanleerfase is het tempo rustig, waarbij de situaties zo af en toe worden doorgesproken, in de automatiseringsfase wordt het tempo allengs opgevoerd.
  • Tactisch kokeren dubbelspel. Hierbij ligt de nadruk niet zozeer op de posities die de spelers innemen, maar op hun slagkeuze. Worden shuttles recht of cross uitverdedigd of juist kort gelegd.
  • Tactisch kokeren in het enkelspel uitgaande van de uitvoerende speler. De speler krijgt bv. de opdracht zo aanvallend mogelijk te spelen of juist zo verdedigend mogelijk.
  • Tactisch kokeren in het enkelspel, uitgaande van de aangever. De aangever imiteert een aanvallende of een verdedigende tegenstander, waarbij de uitvoerder moet reageren. Dit om de uitvoerder voor te bereiden op een toekomstige tegenstander. Ook kan de uitvoerder geleerd worden hoe hij dient om te gaan met tempowisselingen.
  • Technisch kokeren dubbelspel (als éénling). Bijvoorbeeld om dabs, steeks, half court blockjumps en netdrops te leren spelen. (in het voorveld) In de aanleerfase gebeurt dit in een rustig tempo, maarmate de vaardigheid toeneemt, kan het tempo worden verhoogd. Natuurlijk kunnen zo ook de slagen in het achterveld geoefend worden.

Zomaar een greep uit de verschillende mogelijkheden, waarbij ook allerlei combinatievormen mogelijk zijn.

Gebruik bij het ontwikkelen van oefeningen met de koker behalve het gebruik maken van de SMART-methode ook je fantasie. Denk daarbij aan het gebruik van een stoel tijdens het aangeven (de shuttle kan dan gemakkelijker van boven naar beneden worden aangegeven) of het gebruik maken van een extra aangever.

Overleg met je spelers altijd, waarom voor de oefening gekozen wordt. Alleen op die manier verwordt kokeren niet tot een geestdodende draafsessie.

door

via Fred Besselink

Schrijf je in voor de nieuwsbrief!

Je ontvangt enkele keren per jaar een speciale update!

vorig artikel

Medewerking Yonex lijkt kostbare vriendendienst

6 jaar geleden

volgend artikel

Roel van Heuckelom over MSF

6 jaar geleden

Wat vind jij? Er zijn al 6 waarderingen!

Reacties

+

› lees onze huisregels

Meer nieuws