Het laatste nieuws
Het laatste nieuws
 
 

Rien de Korte over het belang van voetenwerk

In het winterkamp van Roel van Heukelom gaat alle aandacht uit naar het voetenwerk.

Spannend, niemand zal ooit discussiëren over het spelen van een smashverdediging als antwoord op een smash. Ook bij een smashverdediging kun je uit tactische overwegingen of vanuit motorische beperking nog wel kiezen uit een paar opties maar niemand zal propageren dat je een clear moet spelen als antwoord op een smash. Heel anders is dit over het voetenwerk. Ik heb redelijk veel bijscholingen meegemaakt en nooit is er zoveel discussie als over het voetenwerk.

Intussen is er wel de overtuiging ontstaan, dat het er niet zoveel toe doet hoe je naar een shuttle loopt, als je maar zorgt dat je op tijd bent om die shuttle zo snel als mogelijk is te slaan. In de praktijk komt het er helaas nog al eens op neer dat we simpelweg te laat zijn en noodgedwongen de shuttle hetzij achter ons moeten spelen, dan wel bijna van de grond moeten rapen. Ik denk dat hier toch nog wel een deel is te voorkomen door het toepassen van aangepast voetenwerk.

Aangepast voetenwerk betekent volgens mij dat een speler afhankelijk van zijn positie en afhankelijk van de slag van de tegenstander, dat voetenwerk kan kiezen dat hem of haar het snelst in de juiste positie brengt om de volgende slag te kunnen spelen. Het lijkt er op dat die keuze pas gemaakt wordt als de tegenstander de slag maakt, niets is echter minder waar. Het begint al twee slagen eerder, waar stond je tegenstander, welke slag speelde je tegenstander waar in het veld en wat was je antwoord. En hier ben je bij pas bij het uitgangspunt van deze alinea.

Het is een wezenlijk verschil of je tegenstander in of uit balans was, maar ook of je zelf al dan niet in balans bent. Meestal heeft dit te maken met de mate van initiatief, maar balans is wel van groot belang. Hoe beter je in balans bent hoe beter je controle over je slag is. Bij badminton moet die balans overigens wel altijd in de beweging zitten. We hebben niet de luxe dat we vanuit stilstand, stevig vaststaand op de grond kunnen spelen. De balans in de slag, waarbij we ons nog steeds aan het verplaatsen zijn, moet dus vooral uit een balans in ons bovenlichaam komen. Niet voor niets wordt er de laatste jaren veel aandacht besteed aan core stability. Meestal echter in een redelijk statisch vorm van nieuwerwetse grondoefeningen en slechts zelden in dynamische oefeningen, zoals het overspelen op 1 been of overspelen vanuit ligsteun. Beide zijn overigens nodig, met statische oefeningen kun je een correcte uitvoering controleren, terwijl er bij dynamische vormen vaker gecompenseerd wordt, wat weer natuurlijker is tijdens het spelletje.

Terug naar voetenwerk. Volgens mij is niet zozeer kracht het belangrijkste element, maar vooral start- en stopsnelheid. Afgelopen zomer in Denemarken, trainingskamp op Orø, heb ik ervaren, zelfs op mijn leeftijd van 54, dat een kleine aanpassing in het lopen mij toch sneller achter de shuttle kon brengen. Normaal gesproeken liep ik, bijna twee meter lang en ruim 90 kilo zwaar, met alle kracht die ik had achterwaarts. De Deense trainer vond deze krachtsinspanning nog wel indrukwekkend, beleefd als hij was, maar vond het wel erg traag allemaal. Klopt, lang en langzaam. Van hem hebben wij toen een aanpassing gekregen met snelle start en ook bij het indraaien nog steeds een verplaatsing. Normaal was het kracht zetten om in te draaien en vervolgens kracht zetten om te verplaatsen, bij deze manier gaat de eerste krachtsinspanning niet omhoog om te draaien, maar direct achterwaarts. Deze manier van bewegen, die ik nu ook de kinderen waaraan in training geef bijbreng, is echter wel aan een situatie gebonden. Tegenstander heeft een korte shuttle gespeeld zonder al te veel druk aan de forehandside, ik speel een scherpe netdrop terug. Mijn tegenstander moet hiervoor redelijk diep retourneren en kan eigenlijk maar twee dingen, netdrop of lob. Ik blijf aanvallend redelijk dicht (rechterbeen voor als rechtshandige) bij het net met spanning op mijn benen, zodat ik een netreturn snel kan raken. Mijn tegenstander ziet dit natuurlijk ook en speelt een lob. Helemaal cross gaat niet lukken of deze is drie dagen onderweg, maar rechtdoor (tegen de hand in vanuit een lage backhand) naar mijn forehand wordt ook lastig. De lob zal dus aan mijn round the head kant komen, waar ik hem ook graag wil hebben. Nu komt de snelle start recht achteruit, het indraaien in de hink, gevolgd door een wisselop, zodat ik een snelle smash rechtdoor kan spelen.

Dit is slechts een situatie in het enkelspel den daar hoort dan ook nog een follow-up bij. Essentieel blijft echter bij alle loopvormen, snel starten en snel stoppen. Laag bewegen en hoog slaan.

Ik hoop dat Roel en Ron tijdens het winterkamp alle deelnemers veel inspiratie weten mee te geven om goed na te denken over hun manier van verplaatsen.

door

Schrijf je in voor de nieuwsbrief!

Je ontvangt enkele keren per jaar een speciale update!

Over de auteur: Rien de Korte

Wat vind jij? Er zijn al 4 waarderingen!

Reacties

+

› lees onze huisregels

Over de auteur: Rien de Korte

TEST

Meer nieuws