Het laatste nieuws
Het laatste nieuws
 
 
© René Sehr

René Sehr: 'Training in uitvoering'

© René Sehr+

In dit artikel wil ik mijn visie op de manier van trainen en coachen van jeugd eens aan u voorleggen.

Het zal niet voor alle trainers en alle jeugd opgaan. Ik richt mij voornamelijk op school en academietrainingen, kinderen waarvan we verwachten dat ze net iets meer in hun mars hebben dan de doorsnee badmintonjeugd.

Ik heb wel eens een soort van verwijt gekregen van een (oudere) jeugdspeler die mij opdroeg dat ik hem iets moest zeggen waar hij wat mee kon. Gefrustreerd door een naderend verlies en niet vermogend genoeg om dit verlies zelfstandig af te wenden, probeerde deze speler het op mij af te wentelen.

Er zijn genoeg dingen waarom je een wedstrijd kunt verliezen en als jouw tegenstander daar dan handig gebruikt van weet te maken, dan krijg je het lastig. Ik kan dan tegen mijn speler zeggen dat hij hoger op het net moet gaan zitten, maar dat gaat niet werken, want zijn manier van spelen is daar niet naar. Ik ben ook zelf geen tactisch wonder, zoals bijvoorbeeld Ron Daniëls en Henri Vervoort, dat ik al vier zetten vooruit kan denken om dan te voorkomen dat mijn speler bij het net wordt uitgespeeld. Ik kan dat (nog) niet...

Ik zie wel hoe het gaat in een moderne partij badminton, maar het blijkt in de praktijk heel erg moeilijk om dat aan de meeste spelers over te dragen. Ik denk dat iedereen daar wel tegenaan zal lopen. Het vertalen van hetgeen in jouw hoofd zit naar de speler toe zodanig dat hij dit ook daadwerkelijk ook gaat doen, is een heel lastig proces.

Er is een aantal talenten daar lukt het wel bij, maar dat zijn ook diegenen die aan de top meedraaien en hun geest is wel in staat om de meeste data die van de trainer afkomstig is om te zetten naar de vereiste training. Helaas werkt het bij 80% van de andere spelers niet op deze manier. Voor hen moeten we dus op een andere manier aan het werk.

De som van de kleine zaken

Ik heb op het zomerkamp van Roel van Heuckelom afgelopen zomer een 'voordracht' mogen doen en daar ontspon zich een hele leuke discussie. We hebben toen aangegeven dat we eigenlijk geen lezingen meer zouden moeten doen, maar er meer een soort van discussie van moeten maken, waarin we actief meedenken over de dingen die gedaan zou kunnen worden. Ik zal op een paar zaken ingaan die toen zijn besproken, omdat ik merk dat ik gewoon anders bezig ben met jeugd dan de meeste trainers. Iedereen kent de voorbeelden wel tijdens de jeugdtoernooien. De meeste coaches dragen hun spelers dingen op, die zij niet kunnen uitvoeren, tenminste niet als zij onder druk staan. Voor veel jeugdspelers is de trainer de baas en zij voeren slechts uit. Later meer hierover.

Ik sta dus een andere aanpak voor. Ik train allerlei 'kleinere' zaken, die uiteindelijk later allemaal op hun plaats zouden moeten vallen. Het grote voordeel hiervan is dat ik per wedstrijd iets anders kan doen en voorgaande technieken erbij kan halen. Zeer belangrijk is dat ik mijn spelers voorhoud dat winnen niet het allerbelangrijkste moet zijn. Ron heeft daar ook al een aantal keren op gewezen: het is niet zo belangrijk hoe de U-13 of U-15 presteren. Maar op deze leeftijd leggen we wel de basis voor het presteren op latere leeftijd. Het is zeer belangrijk voor ons trainers om dat te gaan beseffen. De meeste kinderen kunnen toch niet alles tegelijkertijd, vandaar dat we moeten gaan focussen op het individu en kleine zaken.

Uiteindelijk zal dat moeten leiden tot een complete speler als ze 18+ jaar zijn. Het vergt de nodige aanpassingen, want de speler wil winnen en de meeste ouders willen dat hun kind wint, maar wat dat betreft ben ik een rare. Ik ben namelijk niet zo blij als ze makkelijk hun partijen winnen; ik zie liever dat ze in drieen verliezen of net aan winnen. Hier leren ze namelijk het meeste van, hoewel ik ze natuurlijk ook wel af en toe wil zien winnen. Ik maak er ook wel vaak een dolletje over met ze. Ze weten al dat ik ze liever een driesetter zie spelen en geven dat al aan als ze een set verliezen…. Het betekent meer speeltijd en ze slaan veel meer shuttles en dus kunnen ze veel beter leren...<-p>

Stukjes en beetjes

Ik doe het dus in stukjes en beetjes. Twee voorbeelden ter illustratie. Ik heb er veel meer, maar anders wordt dit artikel wel erg lang.

Ik train bijvoorbeeld een techniek aan het net, waarbij ik op dat moment vooral focus op de ademhaling. Ik vind ademhaling ontzettend belangrijk en je merkt dat kinderen daar dus totaal niet op letten. Ik weet zelf dat er heel veel voordeel te behalen valt als er goed op de ademhaling wordt gelet. Adem je verkeerd, dan worden bepaalde technieken en oefeningen gewoon erg lastig uit te voeren. Hier valt voor trainers (en spelers!) veel winst te behalen.

Op dit moment gaat het dus niet op het trainen van de net-techniek, maar op het moment van raken en daarmee moeten ze uitblazen. Het is misschien niet zo extreem als de 'one inch punch' van Ron Daniëls, maar het zit er heel dicht bij. Onbewust laat ik ze dus bewust worden van hun ademhaling. Bijkomend voordeel: eigenlijk zonder dat ze het merken wordt hun netspel beter. Door bewust te letten op het ademen, gaan ze rechterop staan en zitten ze automatisch al hoger met hun racket. Verder doe ik weinig, maar in de wedstrijd die ik laat spelen laat ik ze vervolgens alleen daarmee bezig zijn en het kan ook zo zijn dat ik alleen daarop coach tijdens een toernooi. We pakken 2 dingetjes en daar letten we op in de partij. Andere zaken laten we bewust even voor wat het is. Tijdens een partij is hun geest constant bezig met deze zaken en zal het (hopelijk) goed ingebrand worden. Ook kan het zijn dat ik tegen een speler zeg dat hij met meer schijn moet gaan spelen. Je kiest dan bewust voor een ander speelpatroon om te kijken of de speler hiermee kan omgaan. (Uiteraard zal ik dat doen met een speler die dit geoefend heeft met mij).

Voorbeeld 2. Voetenwerk is extreem belangrijk, ik snap daarom ook niet dat er zeer weinig trainers zijn die daarop coachen en/of trainen. Ik hoef tegen mijn spelers vaak alleen maar te zeggen 'stap door' en ze weten wat ze moeten doen. Tijdens een wedstrijd heb ik dus niet veel nodig om te zeggen dat ze na bijvoorbeeld een around the headslag geen goede follow-up hebben. Ik hoef meestal alleen te zeggen dat ze moeten doorstappen om ze te laten beseffen dat ze verkeerd uit de hoek vandaan komen. Het zijn slechts twee van vele voorbeelden.

Dit zijn details en die vergen gewoon training en tijd. Soms zijn er ook details in de details en zo laat ik ze blijken dat badminton niet alleen een kwestie is van hard rond rennen op de baan. Het is belangrijk om dit soort zaken constant door te spreken met spelers en ouders. Waar zijn we mee bezig en wat wil ik bereiken. Ik laat ze ook vaak coachen tijdens zowel de trainingen als tijdens normale wedstrijden en laat ze vertellen wat ze zien en wat er beter kan. Ik laat ze ook aangeven wat er goed gaat. Laat ze meedenken en kijken, zodat ze het spel leren te doorgronden. U zult er verbaast over staan hoeveel ze zien en weten. Luister daarom ook altijd naar wat de spelers te vertellen hebben en wat voor hun werkt of juist niet. De grootste fout die je kunt maken is te denken dat wij het wel weten!

Zelfwerkzaamheid

Aldus zie ik nu al een scheiding van kinderen die op deze manier zijn 'opgeleid' en de ouderen die niet zo zijn opgeleid. Veel kinderen komen uit een omgeving waar de trainer de baas speelt/is. Deze oefeningen gaan we doen en allemaal tegelijk. De trainer staat met de stopwatch en na 2 minuten wisselen we van kant enz. veel kinderen zijn dus alleen gewend uit te voeren en niet om zelf na te denken. Inmiddels ben ik in een nieuwe fase aanbeland met 'mijn' pupillen. Ik geef ze opdrachten die ze zelf moeten uitwerken. Je ziet dat een groep keurig aan het werk gaat en er een groep (meest ouderen) die een beetje hulpeloos beseffen dat ze nooit hebben moeten nadenken over wat ze feitelijk aan het doen zijn en waar hun problemen liggen. Heel opmerkelijk en tevens herkenbaar.

Elk kind heeft zijn eigen specifieke aandachtspunten. Ze hebben niets aan 10 minuten backhandtrainingen om dan vervolgens 4 weken niets meer daaraan te doen. Ze krijgen nu van mij de opdracht om 1 of 2 specifieke punten gedurende een maand aan te pakken. Ze moeten dit zelf uitdenken en uitwerken en met mij/ons bespreken. De trainers moeten dit monitoren en vooral begeleiden. Op deze manier maakt je ze dus zelfwerkzaam en worden ze veel meer bewust van hun eigen (on)mogelijkheden.

Als trainer/coach schrijf je dat in hun profiel en op een toernooi kun je ze laten focussen op de zaken waaraan ze aan het werk zijn. Je kunt dan ook goed zien of ze er vooruitgang mee boeken. Meestal komen ze je zelf al melden of iets goed of slecht ging.

Taken

Ik zie de manier van trainen graag veranderen, zodat de trainer meer een observerende en begeleidende rol gaat krijgen, maar dat gaat waarschijnlijk niet lukken. Er is natuurlijk veel meer aan de hand. Als trainer moet je natuurlijk ook een soort basis neerleggen, waarop ze zelf voort kunnen bouwen. In de ideale wereld zou het zo moeten werken, want het is soms moeilijk een bepaalde vaste structuur aan te houden omdat kinderen moe zijn, een blessure hebben, een zware schooldag gehad hebben etct. Je zult dus redelijk vaak de basis moeten aanpassen. Toch zijn er genoeg zaken waaruit je kan kiezen om ze veel mee te geven. Ik zal er zo maar een aantal noemen en daar later nog eens op terugkomen.

Basis is altijd het voetenwerk: stop met het gehuppel over de baan.

  • Balans, ritme, vastheid, coördinatie.
  • Zorg dat je weet waarover je het hebt! Laat ze snel wennen aan termen als splitjump, chinajump, links voetenwerk, met de hand mee, gripverpakking etc.
  • Verander de warming up, gebruik andere warming up vormen en touwtjespringen.
  • Individuele aandacht, let niet teveel op jaarplanningen, werk impulsief en pas je trainingen aan.
  • Laat kinderen meedenken en doen en coachen. Luister naar de kinderen, vooral talenten voelen instinctief aan wat goed en niet goed is. Je maakt jezelf belachelijk als je toch je zin wilt doordrijven.
  • Laat ze doen wat ze leuk vinden, maar laat ze ook duidelijk merken dat zogenaamde saaie oefeningen gewoon een must zijn. Niet iedereen kan altijd uitvoerder zijn, maar er ook aangevers moeten zijn.
  • Train jezelf in shuttlefeeding en doe dit met je beste pupil. Zijn/haar feedback is cruciaal in jouw ontwikkeling als feeder.
  • Praat met ouders, maak bedoelingen duidelijk.
  • Laat techniek, kracht en snelheid, verkorte slagen vaak terugkomen.
  • LAAT ZE VEEL SHUTTLES SLAAN op zo weinig mogelijk ruimte en binnen korte tijd.
  • Vertel ze over ademhaling en focus op de uitvoering van oefeningen.
  • Video veel en kijk veel Youtube en video's.
  • Laat ze snel (veel) toernooien spelen.
  • Speel en train met veren shuttles.

Alles valt en staat met de opleidingen van trainers. De trainers zullen natuurlijk veel meer kennis en kunde moeten hebben om te gaan optreden als trainer nieuwe stijl. De opleiding zoals die er nu ligt, voldoet niet, maar dat is een geheel ander onderwerp. Er is inmiddels een denktank opgericht binnen Badminton Nederland en ik wacht vol smart op het moment dat iemand hierover eens iets gaat publiceren! Ik hoop dat de door mij gemelde zaken daarin ook aan bod zullen komen.

René Sehr

door

Schrijf je in voor de nieuwsbrief!

Je ontvangt enkele keren per jaar een speciale update!

Over de auteur: René Sehr

Wij kennen Rene Sehr als badmintongek, als een gepassioneerde trainer en iemand die energie krijgt van jeugdtraining.

Wat vind jij? Er zijn al 5 waarderingen!

Reacties

+

› lees onze huisregels

Over de auteur: René Sehr

Wij kennen Rene Sehr als badmintongek, als een gepassioneerde trainer en iemand die energie krijgt van jeugdtraining.

TEST

Meer nieuws