badmintonline.nl logo
Het laatste nieuws
Het laatste nieuws
 
 
Deze afbeelding hoort bij 'Backhandservice: een stukje geschiedenis' en is gemaakt door René Lagerwaard
© René Lagerwaard

Backhandservice: een stukje geschiedenis

Deze afbeelding hoort bij 'Backhandservice: een stukje geschiedenis' en is gemaakt door René Lagerwaard
© René Lagerwaard+

Eerst een stukje historie. Vind je het niet interessant, dan sla je het gewoon over en begin je een alinea verder.

In 1974 speelde op een enkele Nederlander met een Indonesische achtergrond na iedereen hier met een forehandservice. Op de Dutch Open, toen nog de IK, speelde de Zuid Afrikaan Alan Parsons een backhandservice die de simpelheid zelf was:

Beginnend met een gestrekte horizontale arm, de steel loodrecht naar beneden wijzend, het racket in een backhandgrip. Daarna de arm buigen, het racket loodrecht naar beneden laten wijzen en de arm weer strekken en de shuttle als het ware over het net duwen. Het was niet meer dan een buig-strekbeweging van de arm waarbij het racket evenwijdig aan zichzelf naar voren werd geduwd (translatie voor de wiskundigen onder ons).

De flickservice was ook simpel. Vlak voor het raakpunt werd het racket met een felle ulnair abductie (zoek die maar eens op) van de pols versneld. Ik had het (on)genoegen een aantal keren tegen hem te mogen dubbelen en werd er helemaal tureluurs van, zo scherp en zo constant als een Zwitsers uurwerk.

Ik ben toen geswitched. Na 10 jaar forehandservice overgestapt op backhandservice. Het leukste was dat de service in feite zo makkelijk was dat ik hem binnen een paar weken in wedstrijden kon gebruiken. Ik ben er toen wat aan gaan sleutelen om ervoor te zorgen dat ik in principe in alle vier de hoeken van het servicevak kon slaan. Dat kan als volgt vanuit het rechterservicevak.

De bladstand staat loodrecht op de diagonale diepe hoek. Als de bladstand niet verandert komt bij een lage service de shuttle een beetje links van het midden en de flickservice uiteraard in de diagonale hoek. Als het racket vlak voor de het raakpunt met pronatie van onderarm linksom om zijn eigen as roteert gaat de shuttle kort naar de zijkant. De shuttle wordt, als de baan van het racket niet veranderd gesliced. Daar is nog wel een leuke variant op maar dan wordt verhaal wel erg lang.

Kort serveren op de T-splitsing vraagt een draaiing d.m.v. supinatie van de onderarm. En een flickservice in het midden van de baan doe je door supinatie van je onderarm in combinatie met de je inmiddels bekende ulnair abductie. Vanuit het linkerservicevak is het verhaal precies in spiegelbeeld.

Het nadeel van de backhandservice is dat het moeilijker is om op de backhand van de tegenstander te serveren omdat het racket in vergelijking met de forehandservice meer links zit. Het voordeel is dat het raakpunt verder naar voren zit dan bij de forehandservice. Om de afstand nog korter te maken kun je ook met het linkerbeen voor staan. De linkerschouder waar normaal ook de linkerarm en -hand aan vast zitten komt zo naar voren waardoor de shuttle nog meer naar voren komt. Het racket in de rechterhand compenseert de teruggetrokken rechterschouder.

Bezwaar dat je niet in staat zou zijn om de derde shuttle te spelen kun je opheffen door direct nadat je de shuttle geraakt hebt het racket in bh-grip omhoog te steken. Ik pleit dus wel voor ver naar voren te gaan staan om de tegenstander minder tijd te gunnen. Dat heeft ook weer te maken met de lengte van de speler. Zijn raakpunt ligt vele centimeters hoger dan bij de kleinere spelers. Hierdoor is de baan van de shuttle veel vlakker en de kans op stijging na de netpassage nihil. Kwestie van zoeken naar de juiste plek.

Over zoeken gesproken. Leuk om te doen. Je kan het niet trainen maar je moet je lage service wel goed kunnen spreiden wat natuurlijk wel te trainen is. Misschien dat het trucje al wel bekend is, want zo veel collega's spreek ik niet. Maar ik heb er nog nooit iets over gelezen.

Iedere speler die een lage service ontvangt doet dat met zijn fore- of backhand. Het is handig om te weten wanneer hij met zijn forehand en met zijn backhand retourneert. Ergens is er een grens of zone waar hij dus wisselt. Het kan heel effectief zijn juist in die zone te serveren om hem zo aan het twijfelen te brengen of hij met forehand of backhand retourneert. Goede spelers kunnen in die zone natuurlijk met forehand én met backhand retourneren maar hebben misschien in dat gebied een wat mindere return in huis. Je kunt op die manier minder goede returns afdwingen. Kwestie van in het begin van de partij uitproberen.

In de tweede helft van de competitie kun je de partij er al direct mee beginnen want het staat natuurlijk in je database van tegenstanders, toch?

door

Schrijf je in voor de nieuwsbrief!

Je ontvangt enkele keren per jaar een speciale update!

Over de auteur: Guus van der Vlugt

Guus van der Vlugt is docent bij CIOS Arnhem sinds 1 augustus 1981 tot op heden. Hij heeft Tennis gestudeerd aan Academie voor Lichamelijke Opvoeding in Amsterdam.

Wat vind jij? Er zijn al 9 waarderingen!

Reacties

+

› lees onze huisregels

Over de auteur: Guus van der Vlugt

Guus van der Vlugt is docent bij CIOS Arnhem sinds 1 augustus 1981 tot op heden. Hij heeft Tennis gestudeerd aan Academie voor Lichamelijke Opvoeding in Amsterdam.

TEST

Meer nieuws