Het laatste nieuws
Het laatste nieuws
 
 
© sxc.hu

De Deense benadering - vervolg

© sxc.hu+

Dit jaar ben ik na lange tijd geen clubtrainer meer geweest te zijn weer gestart als chef trainer van de regionale elite U17 en U19.

LET OP: De verantwoordelijkheid voor de inhoud en publicatie van dit artikel ligt bij de oorspronkelijke auteur.

Ik heb een vijftal trainers onder me en werk nu samen met het badmintoncollege en de tweede divisie senioren omdat veel van mijn spelers ook daar de training mee draaien.

Motivatie en goed trainen is niet iets wat zomaar komt. In het stukje van Aad van Zeijl lijkt het of het een aangeboren afwijking is dat Deense jeugd spelers goed werken. Dat is natuurlijk niet zo. Ook hier moet het worden aangeleerd en gestimuleerd. Dat is iets wat heel snel gaat als iedereen die in de hal aan het werk is hetzelfde wil, namelijk beter worden in alles wat je doet. Ook (misschien moet ik JUIST zeggen) de spelers die minder goed bedeeld zijn met talent doen hun stinkende best om er iets goeds van te maken.

Trainers hebben vaak een andere benadering dan wat je in de doorsnee club elders in Europa ziet. Ondanks dat elke trainer in Nederland blij zou zijn met mijn 16 elite spelers ben ik vrij ontevreden over de werkinzet. Ik ben dan ook elke training weer bezig met het verbeteren van juist de inzet op de training. Ze komen van school gelijk naar de training en hebben al zo'n 6 tot 8 uur moeten luisteren en stil zijn. Dan komen ze naar de hal en daar staat weer zo'n idioot die wil dat ze luisteren en stil zijn. Dat lukt dan ook vaak niet zoals ik het zou willen. De eerste paar trainingen vroeg ik na afloop hoeveel procent ze dachten dat ze hadden gegeven op de training. In hun eigen beleving was dat bijna altijd meer dan het cijfer dat ik heb opgeschreven over de verschillende spelers. Maar na afloop kan je niets meer veranderen. Het kwaad is geschied en dus ben ik begonnen met vooraf te vragen hoeveel ze dachten te doen deze training. De banen waren dan ook ingedeeld en afgesteld op deze vraag:

  • Baan 1 en 2 de spelers die zich 100% willen inzetten
  • Baan 3 en 4 de spelers tussen de 80 en 100%
  • En baan 5 en 6 alles wat minder dan 80% was

Baan 1 en 2 heeft 80% van mijn aandacht, baan 3 en 4 heeft 19% en baan 5 en 6 krijgt 1% want daar zeg ik alleen welke partijen ze moeten spelen.

Het was even slikken voor de meeste spelers, maar al heel snel was er geen groep meer op baan 5 en 6, want dat was toch niet zo leuk als dat het eerst leek. Baan 1 en 2 werden al gauw baan 1, 2, 3 en 4 terwijl baan 5 en 6 werd ingenomen door de spelers met iets minder inzet. Deze verminderde inzet kan ook heel goed spelers zijn die herstellend zijn van blessures trouwens. Dus het is lang niet altijd negatief.

Dit is niet iets wat we op de club alleen maar met de junioren doen. Ook op de training van de senioren tweede divisie (dat is een hoger niveau dan de eredivisie in Nederland) wordt er op eenzelfde soort wijze gewerkt. De trainer schrijft op een speelbord een aantal vragen die hij na een half uur van trainen stelt aan de groep:

  • Ben je tevreden met je eigen inzet?
  • Ben je tevreden met de inzet van de aangevers?
  • Werkt de training voor jou?
  • Wat kan ik (de trainer) beter doen?
  • WAT KAN JIJ (de speler) BETER DOEN?

En de spelers moeten dan ook echt even een paar minuten met elkaar praten over de inzet op de training. Lief en aardig zijn wordt niet op prijs gesteld door wie dan ook.

Mijn spelers die deelnamen aan deze training, Huynh en Renske, zeiden beiden dan ook dat ze dit thuis nog nooit hadden meegemaakt, want ook de trainer wordt niet gespaard. De seniorentrainer komt regelmatig naar mijn training kijken en ik zie elke week minimaal een uur van zijn training. We praten elke week over de spelers en de training die we ze geven. Ik zie ook elke week de trainingen van de trainers die onder mij training geven aan de U11, U13 en U15 en overleg met deze trainers over de aandachtspunten.

Deze manier van werken is er niet alleen op clubniveau, maar gaat door tot aan de nationale selectie. Trainers van de nationale selectie zijn ook allemaal benaderbaar voor het uitwisselen van informatie. Hebben ook dondersgoed door dat als ik met een van hun spelers werk dat ze maar beter kunnen weten wat we doen zodat er een gezamenlijk doel is voor deze speler.

Als je eenmaal hier hebt gewerkt, dan is terugkeer naar Nederland zo'n grote stap terug, dat kunt je jezelf niet voorstellen. Ik vertel het de spelers ook altijd voor ze hier komen en dan zie je in hun blik iets van 'ja ja, het zal wel'. Deze week had ik nog een gesprek met een speler die hier ook is geweest en nu zegt: "Dat 'ja ja, het zal wel' is veranderd in 'ja ja, het is zo'." Ook als trainer is het niet veel anders. Het werken hier is zo leuk en op zo'n veel hoger niveau dat je niet meer terug wil naar landen die veel lager staan.

Het is niet voor niets dat alle trainers die Oro met succes hebben doorlopen op deze site stukken schrijven. Ze zijn besmet met het Deense virus. Als je op een van mijn bijscholingen bent geweest dan heb je ongeveer 25% kunnen zien van wat we op Oro doen. Als je serieus bezig wil zijn met de badmintonsport dan moet je in Denemarken iets gedaan hebben als start, want daar ligt de perfecte theorie over onze sport. Daarna ga je naar Azië want zonder de kennis uit Denemarken kan je de rommel en de kwaliteit die Azië te bieden heeft niet scheiden (en geloof me er is meer rommel dan kwaliteit in Azië).

door

Schrijf je in voor de nieuwsbrief!

Je ontvangt enkele keren per jaar een speciale update!

Over de auteur: Ron Daniëls

Je zou denken dat hij alleen hard kan schreeuwen, maar Ron weet vaak de juiste snaar te raken. Misschien daarom wel bekend en berucht tegelijk?

Wat vind jij? Er zijn al 6 waarderingen!

Reacties

+

› lees onze huisregels

Over de auteur: Ron Daniëls

Je zou denken dat hij alleen hard kan schreeuwen, maar Ron weet vaak de juiste snaar te raken. Misschien daarom wel bekend en berucht tegelijk?

TEST

Meer nieuws