Het laatste nieuws
Het laatste nieuws
 
 
© Google Images

Waarom trainen onze jeugdleden bij een badmintonschool?

© Google Images+

Onlangs was ik op het toernooi dat BC Delft organiseerde in de reeks van het Regio Jeugd Circuit (RJC). Het RJC is opgezet door een aantal enthousiaste leden van enkele verenigingen.

Voor zover ik het begrepen heb, kwam de wens voor een regiocircuit vooral voort uit onvrede over het feit dat er voor de minder getalenteerde spelers te weinig toernooien waren. Dat er behoefte was aan iets dergelijks was al snel duidelijk. Het RJC is nu bezig aan zijn tweede seizoen. De toernooien zaten het eerste jaar vrij snel vol en nu, het tweede jaar, zijn sommige toernooien al een maand voor de sluitingsdatum vol. Mijn complimenten aan de initiatiefnemers en de organisatoren van het circuit en de organisatoren van de verschillende toernooien.

Wat mij opviel aan de deelnemers aan het toernooi was het aantal kinderen dat was aangesloten bij een badmintonschool. De badmintonschool lijkt een behoefte te vervullen voor spelers die andere dingen willen dan dat bij hun club kan. Mogelijk willen ze meer trainen dan dat er de mogelijkheden zijn bij de club, of misschien willen ze andere training dan de club biedt.

Ik gun de badmintonscholen hun succes en gezien het succes hebben ze zeker bestaansrecht. Toch wil ik graag een paar kanttekeningen plaatsen bij het succes van de badmintonscholen. In mijn beleving is de club nog steeds de basis van het badminton. Daar kunnen we spelers een 'opleiding' binnen het badminton bieden. Een opleiding in de breedste zin van het woord.

Een voorbeeld. De betere spelers zijn bijna altijd een voorbeeld voor de minder goede spelers. Kinderen kijken vaak naar betere spelers en kijken af hoe slagen gespeeld worden. Als de betere spelers steeds minder vaak op de club komen, omdat ze al veel trainen op de badmintonschool of met de badmintonschool een toernooi spelen, dan vervalt dit voorbeeld voor de mindere spelers en zij hebben dan geen voorbeeld van hoe het zou moeten. Als er dan ook nog een trainer op de club is die zelf onvoldoende technisch vaardig is om slagen goed voor te doen, dan heeft de jeugdspeler een probleem. Er is geen goed voorbeeld om de slagen van af te kijken.

Een ander voorbeeld. De betere speler heeft vaak een betere motivatie om te trainen dan een minder goede speler. De betere speler zal bij afwezigheid de minder goede spelers minder inspireren en motiveren om te trainen. Waardoor de intensiteit van de training minder wordt en daardoor wordt ook de kwaliteit van de training minder. De jeugdspeler heeft wederom een probleem.

Nog een voorbeeld. Door zijn enthousiasme bevordert de betere speler ook gehele atmosfeer binnen een trainingsgroep. Door de goede atmosfeer vinden de kinderen het leuker om naar de club te komen en leuker om deel te nemen aan activiteiten die de club organiseert. Ik denk dan niet alleen aan het badminton, maar ook aan de sociale activiteiten van de club. Bijvoorbeeld een jeugdkamp of een sinterklaasviering. Als deze activiteiten minder goed gaan of minder leuk zijn, worden ze minder vaak georganiseerd en verdwijnt een groot deel van het sociale leven van de club.

Deze sociale activiteiten zijn in mijn ogen een groot bindmiddel van de club. Een bindmiddel dat de badmintonschool in eerste instantie niet biedt. Dat volgens mij ook nooit de intentie geweest is van de badmintonschool. De badmintonschool biedt volgens mij alleen badmintontraining en begeleiding tijdens toernooien. De sociale activiteiten binnen de club kunnen kinderen stimuleren om te helpen bij het organiseren van activiteiten binnen de club. Op die manier kan er een soort continuïteit binnen de jeugdafdeling van een club ontstaan. Kinderen zijn dan gewend om mee te helpen bij activiteiten van de club en op die manier kunnen veel en allerlei activiteiten georganiseerd worden. Waardoor er veel en van alles gebeurt op de club en het leuk is om op de club te zijn.

Daarnaast ervaren kinderen dat vele handen licht werk maken en dat iets organiseren op de club niet automatisch betekent dat je er heel veel tijd aan kwijt bent. Een ander voordeel is dat kinderen binnen de jeugdafdeling de mogelijkheid krijgen om onder begeleiding iets te organiseren en dus niet de gehele verantwoordelijkheid krijgen. Maar wel de mogelijkheid krijgen om ervaring op te doen met organiseren en verantwoordelijkheid dragen. Iets dat ze mee kunnen nemen naar het algemeen dagelijks leven en mogelijk zelfs naar hun beroepscarrière.

Kinderen spelen badminton omdat het leuk is. En als ze het niet leuk meer vinden gaan ze iets anders doen. Er is genoeg aanbod van andere activiteiten en sporten. Als er steeds minder kinderen op de club komen en de sfeer minder wordt, versterkt dit elkaar en hebben we straks geen jeugdafdelingen van betekenis meer over. Hoe groot de betekenis daarvan voor het jeugdbadminton en het badminton in het algemeen zal zijn blijft natuurlijk onzeker.

Nogmaals, het is zeker niet zo dat ik tegen de badmintonscholen ben. Ze vervullen een rol binnen het badminton. Maar misschien dat de verenigingen zich moeten afvragen waarom hun leden bij een badmintonschool trainen.

door

via (bl)aad(je)

Schrijf je in voor de nieuwsbrief!

Je ontvangt enkele keren per jaar een speciale update!

Wat vind jij? Er zijn al 6 waarderingen!

Reacties

+

› lees onze huisregels

Meer nieuws