Het laatste nieuws
Het laatste nieuws
 
 

Ken je deze spelers al?

© sxc.hu

Voetenwerk: een sprint naar de wc zonder een plas te doen?

© sxc.hu+

Het voetenwerk en de training er van is de laatste jaren flink veranderd en als aanvulling van het stuk dat René Sehr heeft opgegooid (ja-chassee, nee-chassee), wil ik er nog wat meer op in gaan.

LET OP: De verantwoordelijkheid voor de inhoud en publicatie van dit artikel ligt bij de oorspronkelijke auteur.

Op de eerste plaats hebben we vaak te maken met opmerkingen als "ja, maar ik zie het Lin Dan ook doen. Mijn antwoord is bijna altijd: "Okay, vergelijk jij jouw spel met dat van Lin Dan?" Kijken naar de top is noodzakelijk om te weten waar het spel zich heen beweegt en wat de trends zijn, maar ze zijn zelden geschikt om direct over te nemen.

Topbadmintonspelers (en dan heb ik het over de wereldtop en niet de nationale top) spelen zonder uitzondering voorspelbaar badminton en met een zeer zuinig gedoseerde inzet als het gaat om het gebruik van energie (zie mijn artikel over 'just in time'). Een topspeler doet dus niet meer dan hoogst noodzakelijk. Winnen is genoeg en dat hoeft niet dik te zijn. Dat doen ze dan ook op alle onderdelen van het spel, zo ook het voetenwerk.

Om met dit soort voetenwerk te kunnen spelen is het een eis dat je ook het spel kan lezen en dus voorspelbaar badminton toepast en voor je voetenwerk de juiste positionele opstelling gebruikt. Voetenwerk is dus op de eerste plaats tactiek in de vorm herkennen wat je tegenstander doet en wat daarop je eigen antwoord is. Op de tweede plaats of net zo belangrijk is de techniek.

Zonder de techniek is het überhaupt niet mogelijk deze tactiek uit te voeren. Vervolgens moet je fysiek in staat zijn dit soort voetenwerk te gebruiken. Dat vereist zeer snelle aanpassingen maken in de vorm van tussenpassen om je lichaam in de juiste positie te brengen ten opzichte van de shuttle. Hoe slechter je spelinzicht en daarmee het vermogen te voorspellen wat er gaat gebeuren, hoe meer paniekerig je voetenwerk er uit zal zien. Je loopt meer achter de feiten aan dan dat je anticipeert op hetgeen dat er gaat gebeuren.

Om aan te geven hoe moeilijk het is om aan al deze eisen te voldoen zou ik als voorbeeld willen nemen dat je de spelers in Denemarken die aan deze eisen voldoen op twee handen kan tellen en je waarschijnlijk niet alle vingers nodig hebt. In ons land gaat het hooguit om één speler. Het enige dat ik hiermee wil aangeven, is dat we toppers niet kunnen gebruiken als voorbeeld voor hoe we zelf voetenwerk op een dagelijkse basis moeten trainen. Voetenwerktraining is een opbouwsysteem dat je letterlijk stap voor stap moet ontwikkelen door er langzaam in te groeien.

Ik heb net uitgelegd dat als je niet voldoet aan een aantal eisen je voetenwerk er paniekerig uit zal zien en ik denk dat dit voor de meeste trainers heel herkenbaar is. Als je namelijk niet weet wat er gaat gebeuren zal je wat dieper gaan zitten ten einde niet verrast te worden. Ook zal je een in jouw ogen veilig positie kiezen op de baan en die zal vaak dicht bij het midden zijn. Deze gegevens nodigen uit tot het gebruik van chassee voetenwerk, gewoon omdat je houding op de baan voldoet aan de eisen die dit soort voetenwerk stelt aan een speler. In de dubbel wordt er op topniveau juist voor het laag zitten gekozen en daarom is ook het chassee voetenwerk zeer gebruikelijk in de dubbels.

In het enkelspel echter wil je zoveel mogelijk hoog zitten. Dat betekent dat je het initiatief hebt en daarbij past weinig tot geen chassee voetenwerk in het achterveld. In het voorveld wordt het wel gebruikt, juist ook om het initiatief te nemen of te houden aan het net.

In het achterveld zou de eerste stap altijd de shuttle moeten volgen. Als je dat doet dek je ALTIJD de gevaarlijke hoeken af, terwijl je ze juist open maakt als je naar het midden terugloopt. Het gebruik van chassee voetenwerk verwijst naar het feit dat je geen idee hebt waar de volgende shuttle gaat komen en je er dus voor kiest laag te zitten.

Hiermee kom ik dan ook op een basisfout in het voetenwerk trainen die je nog veel te vaak ziet en dat is het schaduwbadminton waar kuddevolk netjes via het midden naar elke hoek beweegt. Ik ga zeker opmerkingen krijgen over het feit dat ik deze vorm van training afkeur, maar het zal me geen mm doen afwijken van domheid van zulke oefeningen. De domheid ligt nog niet eens zoveel bij het gegeven dat er zulke training gedaan wordt, maar als je dan een speler gaat vragen in welke hoek hij heeft gespeeld kijken ze je met ongeloof aan. Hoe bedoel je in welke hoek heb ik gespeeld? We doen schaduwbadminton, ik speel de shuttle nergens heen, ik loop alleen maar. Dat klopt. Je loopt alleen maar en de volgende oefening zou net zo goed een sprint naar de WC en terug kunnen zijn zonder dat je een plas moet. Dan doe je het ook alleen maar om het lopen. Oefeningen zoals deze hebben geen nut, niet voor jou en niet voor de WC.

Voetenwerk oefeningen moeten realistisch en effectief zijn, maar nog belangrijker ze moeten tactisch juist zijn. Ooit had ik een discussie met een trainer over dat elke vorm van training tactisch was. Deze trainer was het daar niet mee eens en gaf voetenwerk als voorbeeld waar geen tactiek in zat. OEPS, hier hebben we een aandachtspunt voor de trainersopleiding. De enige keer dat voetenwerk tactisch niet belangrijk is, komt alleen voor bij rolstoelbadminton (en ik ben er zeker van dat Marcel hier zijn kanttekening bij zal zetten :-).

Nu ga ik het over een natuurwet hebben in de badminton: het lopen van bochten is altijd meer energiezuinig dan het lopen van hoeken. Het is door deze wet dat we de eerste stap met de shuttle meedoen. Het meest duidelijk is misschien wel in de longline clear. Je speelt de shuttle in een rechte lijn van je FH-kant in de ARH-kant van je tegenstander. Druk op je FH-kant is iets wat je ECHT niet wil. Het is de meest lastige situatie waar je in terecht kan komen. Dus ren je naar het midden van de baan om dan vervolgens te hopen dat je tegenstander zo dom is de open ruimte die je net heb geschapen niet te gebruiken en heel vriendelijk een cross te spelen vanuit zijn meest gevaarlijke hoek (de ARH).

Of denk je dat het beter zou zijn wanneer je longline zou oplopen met de shuttle mee, waardoor je de FH-hoek dichthoudt en een crossslag van je tegenstander afdwingt waardoor ZIJN FH-hoek open komt te liggen?

Longline oplopen en afbuigen naar de cross is energievriendelijk en tactisch juist. Het is eenvoudig uit te leggen aan kinderen, trainers hebben er meer moeite mee (vraag me niet waarom).

Je zult gemerkt hebben dat ik heel ironisch schrijf over deze situaties en de reden daarvoor is dat het niet nodig zou moeten zijn er over te schrijven. Het is zo verschrikkelijk logisch dat ik met de beste wil van de wereld niet kan begrijpen dat iemand dat niet inziet. Als je echt naar het midden van de baan wil rennen elke keer, dan mag dat ook nog van me. Als je dan maar naar het midden van het veld van de tegenstander speelt, dan heb ik er geen moeite mee, sterker nog dan krijg je applaus van me.

Natuurlijk kan ik nu ook alle andere hoeken gaan beschrijven in dit stukje maar ik ben geen schrijver a la Henri Vervoort. Ik hou van KISS-artikelen, dus zou het niet veel leuker zijn als dat in de reacties terug zou komen?

door

Schrijf je in voor de nieuwsbrief!

Je ontvangt enkele keren per jaar een speciale update!

Over de auteur: Ron Daniëls

Je zou denken dat hij alleen hard kan schreeuwen, maar Ron weet vaak de juiste snaar te raken. Misschien daarom wel bekend en berucht tegelijk?

Wat vind jij? Er zijn al 11 waarderingen!

Reacties

+

› lees onze huisregels

Over de auteur: Ron Daniëls

Je zou denken dat hij alleen hard kan schreeuwen, maar Ron weet vaak de juiste snaar te raken. Misschien daarom wel bekend en berucht tegelijk?

TEST

Meer nieuws