Het laatste nieuws
Het laatste nieuws
 
 
© Badminton Nederland

Ik ben Beelen, Jeroen Beelen

© Badminton Nederland+

Ik ben Jeroen Beelen, 36 jaar en lid van BC Didam, de 'leukste vereniging van regio Oost'. Ik speel al ruim 26 jaar badminton en heb enige jaren terug besloten te stoppen met spelen voor ons eerste team en gekozen voor het spelen in de overgangsklasse van de regio.

De laatste 10 jaar heb ik bij BC Didam diverse bestuursfuncties vervuld. Daarnaast ben ik nu al 3 jaar afgevaardigde voor regio Oost en ga ik op voor een tweede termijn.

Hoe ben je afgevaardigde geworden

Door regiomanager Oost, Mischa Rosanow, werd aan mij gevraagd of ik geen afgevaardigde voor regio Oost wilde worden. Ik heb ja gezegd op dit verzoek, omdat badminton mijn passie is en ik graag iets terug wilde doen voor de badmintonsport.

Ervaringen als afgevaardigde

Ik ben er als afgevaardigde blanco ingestapt. Er gebeurde in die periode, die turbulent genoemd kan worden, erg veel. Zo was er het Yonex-contract dat voor veel onrust zorgde, vertrok Ted Van der Meer in 2012 als voorzitter en kwam er een nieuw bestuur. Door het stopzetten van de subsidie van NOC*NSF waren er veel financiële ontwikkelingen, waarover moest worden besloten. Het was voor mij als afgevaardigde lastig te bepalen welke rol ik in moest nemen. Daarnaast kreeg de bond te maken met veranderende omstandigheden van het sportlandschap en een dalend ledental in de afgelopen decennia.

Nadat ik afgevaardigde was geworden heb ik me veel ingelezen en informatie tot mij genomen, werd ik persoonlijk benaderd door mensen uit de badmintonwereld en uitgenodigd voor een introductiebijeenkomst voor de nieuwe afgevaardigden. Deze introductiebijeenkomst waar afgevaardigden attent worden gemaakt op wat hun rechten en plichten zijn, is zeker goed idee. Het zou wel beter zijn om een oud-afgevaardigde te laten vertellen over de ervaringen, verwachtingen, etc. van afgevaardigden, dan een bestuurder of iemand van het bondsbureau.

Afgevaardigde zijn kost je minimaal twee avonden (voor het inlezen van de stukken) en twee zaterdagen voor de Bondsvergaderingen aan tijd. Daar kunnen nog extra bijeenkomsten i.v.m. vooroverleggen of extra vergaderingen bijkomen. Als je ook nog de contacten met de verenigingen wilt onderhouden dan kost het afgevaardigde zijn uiteraard iets meer tijd.

Verbeterpunten afgevaardigden

Ik vind dat de samenwerking en afstemming tussen de afgevaardigden wel beter kan en ook zou er in de bijeenkomsten meer discussie mogen en moeten zijn tussen de afgevaardigden. Vaak vindt dit nu te weinig plaats of is het gewoon niet goed mogelijk. Verder zou vaker door de afgevaardigden bij elkaar gekomen moeten worden, anders dan bij de twee 'verplichte' reguliere bijeenkomsten. Ik hoop dat de nieuw gekozen afgevaardigden een positief-kritische houding zullen hebben. Tot slot is het ontzettend jammer dat niet alle beschikbare zetels zijn ingevuld.

Invloed afgevaardigde

Je kunt als afgevaardigde, zowel als individu en als groep invloed op het beleid uitoefenen. Er is een aantal afgevaardigden die door hun mening kenbaar te maken, de rest van de groep wel mee krijgt. Ik vind dat je, je als afgevaardigde pragmatisch moet (kunnen) opstellen als dat noodzakelijk is, vooral vanwege de vele veranderingen binnen de bond en de sportwereld.

Afgevaardigde en verenigingen uit de regio

Het voorleggen van besluiten of voorstellen aan de verenigingen in de regio kan beter, maar door regelmatige terugkoppeling van zaken aan de verenigingen te geven zijn er steeds meer verenigingen die begrijpen dat via de afgevaardigde zaken kunnen worden aangekaart. Verenigingen vinden vaak maar één ding belangrijk, namelijk de contributiesystematiek: wat moet de vereniging betalen?

De Regiovergadering is vaak te laat of te vroeg om de onderwerpen van de Bondsvergaderingen te bespreken, maar als afgevaardigde doe ik wel mijn zegje tijdens de Regiovergadering en informeer de verenigingen over wat ik als afgevaardigde doe en heb gedaan. Ik vind dat het onderwerp afgevaardigden, structureel op de agenda van de RV moet staan. Afgevaardigden van een zelfde regio komen over het algemeen niet regelmatig bij elkaar en hebben vaak ook verschillende (eigen) belangen. Ook vind ik dat het contact met de regiomanager beter kan, waarbij de rol van de regiomanager meer een soort spil, een verbindende factor tussen de afgevaardigden van de regio en de verenigingen zou moeten zijn.

Afgevaardigde en de bond

Ik vind dat er gebrek aan een goede informatievoorziening vanuit het bestuur en Badminton Nederland naar de afgevaardigden is. Nu worden alleen rond en voor de Bondsvergadering en Jaarvergadering stukken toegestuurd. Als je meer informatie wilt van het bestuur, dan moet je daar altijd zelf om vragen. De communicatielijn zou open, transparant en meer zichtbaar moeten zijn voor iedereen. Het bestuur zou beter moeten aangeven waarom iets besloten wordt. Daar ben ik het dan misschien niet altijd mee eens, maar het is wel duidelijk. Badminton Nederland zou de afstand tussen het bondsbureau en verenigingen moeten verkleinen.

Deze afstand is nu erg groot. Ik bedoel daarmee, dat de bond meer pro-actief zou moeten communiceren met de verenigingen, door bijvoorbeeld bij een dalend ledental van een vereniging contact op te nemen met deze vereniging en te kijken wat de oorzaak is en hoe dit samen op te lossen. Verenigingen zijn namelijk vrij passief naar Badminton Nederland toe en zullen niet uit zichzelf contact opnemen met de bond.

De badmintonsport bestaat voor 98% uit breedtesport, maar toch ligt de focus steeds op Topsport. Ik ben ooit afgevaardigde geworden om juist de breedtesport, die ik belangrijk vind, te ondersteunen en ik zou graag zien dat de bond zich meer inzet voor de grootste groep leden, namelijk de recreanten en regio-competitiespelers.

Wens voor de toekomst van badminton

Mijn wens is, dat we allemaal gaan samenwerken en elkaar minder tegenwerken binnen de badminton community. "Als we doen wat we hebben gedaan, krijg je wat we hebben gehad", dat betekent dat we met dalende ledenaantallen en conflicten blijven zitten. De bond zou moeten samenwerken met andere sportbonden, om zo de kennis en faciliteiten van en met elkaar te delen en te gebruiken. De bond zou meer transparant en open moeten zijn en aan iedereen het gevoel geven dat zij welkom zijn. Nu ligt vaak de nadruk op badminton als stoere, snelle en dynamische sport (vooral leuk voor de jeugd), maar de meeste leden zijn boven de 30 jaar en spelen recreatief of regionaal. Waarom niet meer aangeven dat badminton sociaal en gezellig is (biertje doen na afloop, bijkletsen, etc).

Als er geld zou vrijkomen, dan zou ik het investeren in de breedtesport, om zo meer leden te krijgen. Verder is de huidige structuur van opleidingen te beperkt en moet deze worden aangepast. Ook zouden er gezien de te reizen afstanden in Nederland, maar 2 of 3 grote trainingscentra in Nederland nodig zijn. Tot slot moet er een duidelijker beleid m.b.t. de talentontwikkeling komen, van de basis naar de top, die voor alle badmintonners toegankelijk is.

Interview en foto's Dick Oosterbeek en Simone van den Bergh.

door

via Badminton Nederland

Schrijf je in voor de nieuwsbrief!

Je ontvangt enkele keren per jaar een speciale update!

vorig artikel

CLEAR! 245 is uit

3 jaar geleden

volgend artikel

Terugblik op 40th Carlton International Master in Limburg

3 jaar geleden

Wat vind jij? Er zijn al 15 waarderingen!

Reacties

+

› lees onze huisregels

Meer nieuws