Het laatste nieuws
Het laatste nieuws
 
 
© Pixabay

De dubbele agenda van technisch directeur Claus Poulsen: voorkeur voor Deense landgenoten

© Pixabay+

Zo lang als dat ik trainer ben, heb ik nog nooit iets vernieuwend gehoord uit Nederland. Een geluid wat ik ook hoor van de trainers die naar OroDenmark komen voor de DGI-opleiding.

LET OP: De verantwoordelijkheid voor de inhoud en publicatie van dit artikel ligt bij de oorspronkelijke auteur.

Hoe is het mogelijk dat onze trainers 800 kilometer moeten reizen om een totaal andere opvatting over het trainerschap te horen? Hoe is het mogelijk dat de spelers die hier komen trainen ons vragen waarom ze deze dingen thuis nooit horen?

Het is niet zo vreemd, want Badminton Nederland heeft geen eigen mening en koopt altijd grootschalig in uit het verleden. Er is helemaal niets origineel aan de structuur, inhoud of ambitie van onze sportbond. Sterker nog, ze zijn als de dood voor mensen die dat wel hebben en dat terwijl er veel meer redenen zijn om iets nieuws op te zetten dan door te melken op gedachten uit het verleden.

Badminton is een sport die aan zeer veel en vooral snelle veranderingen onderhavig is en dat terwijl in de opleidingsboeken van Badminton Nederland nog staat dat je twee soorten snaren hebt (synthetische en darmsnaren). Het zou leuk zijn om de instructeur op de SL-1, SL-2 of SL-3 eens te vragen waar je deze snaren kan testen of kopen, want darmsnaren zijn al meer dan 25 jaar van de markt verdwenen. Hetgeen zo schrikbarend is aan dit verhaal is dat dit staat in een boek waarvoor Badminton Nederland vandaag de dag nog geld durft te vragen als opleidingsboek voor aankomende trainers.

De trainersopleiding moet worden opgedeeld in twee verschillende takken. Het SL-gedeelte mag wat mij betreft blijven als het gaat over al de dingen die rondom het trainerschap hangen, want ik ga er vanuit dat er dingen in staan die je wel eens nodig mocht hebben (zoals darm snaren :-). Maar het belangrijkste gedeelte moet helemaal apart staan van de SL-diploma's en dat is het badmintontechnische gedeelte.

Deze twee verschillende dingen zouden niet in een boek mogen staan. Het SL-gedeelte mag je jaar in jaar uit in de opleiding stoppen, er een test voor doen en net als de middelbare school alles weer zo snel mogelijk vergeten om je focus volledig te richten op hetgeen belangrijk is voor een badmintontrainer, namelijk het daadwerkelijke badmintonnen.

Het badmintontechnische gedeelte moet minimaal elke twee jaar worden bijgesteld en na elke bijstelling moeten de trainers die voorgaande jaren hun diploma hebben gehaald verplicht een bijscholing doen met betrekking tot deze nieuwe ontwikkelingen. Doe je dat niet dan ben je geen trainer meer.

De bijscholingen die er nu zijn worden bezocht door de lager opgeleide trainers die hun licentie willen behouden. De 'hoger' opgeleiden zie je na genoeg nooit op deze bijscholingen en toch verliezen ze hun licentie niet. Ze staan boven de wet en regels, want het heeft geen gevolgen. Er zijn ook geen echte bijscholingen voor deze groep, want met deze trainers moet je veel meer kiezen voor een discussievorm dan voor een docent-voor-de-klas systeem. Ik wil andere trainers helemaal niet vertellen hoe het moet. Ik wil graag van gedachten wisselen over waar we heen moeten gaan en hoe we op de huidige ontwikkelingen kunnen inspelen.

Nederland heeft een aantal trainers dat minimaal net zo goed of beter is dan de buitenlanders die Badminton Nederland in dienst heeft. Het ontbreekt iedereen bij de bond aan ballen om daar wat mee te doen. Als je 10 tot 15 jaar geleden zou hebben gezegd dat er een Spaanse trainer achter de baan zou zitten tijdens de finale van de wereldkampioenschappen en Olympische Spelen dan zou iedereen je uitlachen en hetzelfde kan je zeggen over Thailand. Maar de bonden van deze landen hebben eigen trainers de ruimte gegeven met een nieuw en eigen concept te komen.

Er zijn heel veel Deense trainers aan het werk in net zoveel verschillende landen en er komt maar heel weinig uit. Op de een of andere manier slagen ze er niet in deze landen naar hetzelfde niveau te tillen als dat ze dat in eigen land kunnen. Je kunt er vele verklaringen voor aandragen, zoals dat de infrastructuur binnen de sport in geen enkel land zo is als in Denemarken of dat ze eigenlijk geen belang hebben dat andere landen beter worden, maar de belangrijkste reden is doodeenvoudig: in eigen land krijgen ze niet de kans ervaring op te doen die er voor nodig is om internationale kennis te verwerven en dus gaan ze naar landen toe die ze die kans wel geven.

Denemarken stuurt de trainers die niet goed genoeg zijn naar het buitenland om op kosten van die landen te kijken of een van die trainers goed genoeg is om straks in Denemarken met de nationale selectie te kunnen werken. Het bij-effect is dat de trainers uit de andere landen achterlijk worden gehouden met medewerking van de eigen bond.

Dat er een Deense TD is, daar kan ik nog wel inkomen, maar dat die vervolgens onze bond met succes probeert op te schepen met een kleine jongen en daarna met de volgende nietszeggende trainer dat is te slecht voor woorden. De TD zou moeten kiezen voor Nederlanders als die voor deze job willen gaan. Hij zou dus van zich af moeten leren en zichzelf overbodig moeten maken, als dat niet gebeurt dan is er doodeenvoudig een dubbele agenda.

door

Schrijf je in voor de nieuwsbrief!

Je ontvangt enkele keren per jaar een speciale update!

Over de auteur: Ron Daniëls

Je zou denken dat hij alleen hard kan schreeuwen, maar Ron weet vaak de juiste snaar te raken. Misschien daarom wel bekend en berucht tegelijk?

Wat vind jij? Er zijn al 19 waarderingen!

Reacties

+

› lees onze huisregels

Over de auteur: Ron Daniëls

Je zou denken dat hij alleen hard kan schreeuwen, maar Ron weet vaak de juiste snaar te raken. Misschien daarom wel bekend en berucht tegelijk?

TEST

Meer nieuws