Het laatste nieuws
Het laatste nieuws
 
 
© sxc.hu

De Deense benadering

© sxc.hu+

Naar aanleiding van het stuk dat René Sehr geschreven heeft, ben ik zelf achter mijn toetsenbord gaan zitten. Het was mij tijdens de Denmark Open van afgelopen jaar opgevallen dat er slechts een beperkt aantal Europese spelers in de kwartfinales stond en dat daarvan er slechts één koppel niet-Deens was.

Namelijk een gemengddubbel uit Engeland (waar ze na Kenneth Jonassen opnieuw een Deense trainer aangesteld hebben). Je gaat je afvragen hoe dat dan komt. Een van de eerste antwoorden die mij dan te binnenschiet is dat het verschil gemaakt wordt in de training. Gelukkig was ik na de Denmark Open nog een week op vakantie in Denemarken en waren er voldoende clubs in de omgeving om naar een training te gaan kijken en met de trainers te gaan praten. Na wat zoeken op internet had ik al snel een club in de buurt van mijn vakantiehuisje gevonden.

Ik ben binnen gestapt bij de jeugdtraining. Een mooie hal, alleen voor badminton gebouwd. 6 banen, 12 spelers en een trainer. Wat direct opvalt is het niveau van de spelers. Het is een stuk hoger dan bij de doorsnee club in Nederland die ik ken. De spelers weten wat ze moeten doen in de oefening en doen dat nauwgezet. In Nederland worden de kantjes er nogal eens afgelopen als de trainer niet kijkt. Hier duidelijk niet. Er wordt een multi-shuttle oefening gedraaid. De spelers zijn geconcentreerd bezig. De trainer hoeft niet te roepen om de spelers te laten doen wat hij wil.

In Nederland willen we elkaar nog wel eens 'helpen' door de shuttles niet te moeilijk aan te geven en het de 'werker' wat makkelijker te maken. Hier gebeurt dat niet. Als het accent ligt op het technische gedeelte van de training worden de shuttles zo goed aangegeven dat de partner zich helemaal kan richten op het goed uitvoeren van de slag. Als het accent daarna verschuift naar het fysieke en tactische gedeelte van de oefening worden de shuttles zodanig gespeeld dat fouten in de tactiek worden afgestraft en de partner zijn uiterste best moet doen om alle shuttles te halen. Dat alles resulteert in een training met een hoge intensiteit en een hoge effectiviteit.

Ook de trainer weet wat hij wil. Dat merk je als hij de spelers, daar waar nodig is, corrigeert. Hij wil dat zijn spelers op een bepaalde wijze spelen. Alle aspecten van die speelwijze komen terug in zijn oefeningen en in zijn correcties van de spelers. Hij heeft al een beeld hoe hij zijn spelers wil laten spelen als ze straks bij de senioren spelen. Hij geeft ze nu al de handvaten die ze daar voor nodig hebben, handvaten voor wat betreft techniek en tactiek. Als je hem bezig ziet dan hoef je eigenlijk al niet meer te vragen wanneer voor hem een lange termijn planning begint. De jongste speler in zijn trainingsgroep is eerste jaars onder 13.

In de loop van de week heb ik nog een aantal jeugdtrainingen gezien. Het blijkt geen toevalstreffer te zijn, de eerste training die ik gezien heb. Op alle jeugdtrainingen die ik zie herhaalt zich het beeld van de eerste training. Trainers die bezig zijn met een lange termijn planning en een duidelijk beeld hebben van wat ze willen. Ook het beeld van gedisciplineerde spelers herhaalt zich.

Voor mij wordt in deze trainingen al de kern van het Deense succes gelegd. Van jongs af aan wordt er serieus en gericht getraind op alle aspecten die de spelers nodig hebben als ze later op een hoger niveau gaan spelen en trainen. En dan heb ik niet alleen over het technisch en tactisch gedeelte van de sport, maar ook over manier hoe ze over hun sport denken en hoe ze hun sport benaderen. Is het alleen maar gezellig of wil ik wat bereiken in mijn sport. En als ik dat wil wat moet daar allemaal voor doen.

Je merkt ook de onderlinge competitiedrang die Rene Sehr ook al noemde. Niet alleen in de wedstrijdjes, maar in alles. Ze willen alle slagen beheersen die hun vriendje, vriendinnetje, tegenstander, clubgenoot, trainer ook beheersen. Ze willen niet verliezen in wat voor spelletje dan ook. Al is het een estafette of een spelletje hooghouden van de shuttle. De trainers spelen daar op in. Ze weten hoe ze mee moeten omgaan en op in spelen. Dat vraagt kennis van en over jonge spelers. Dat vraagt om een gerichte trainersopleiding. Die lijken ze te hebben in Denemarken. Nu heeft de Nederlandse badmintonbond een Deense supervisor. Dan kan het nooit lang meer duren voordat de kennis naar Nederland komt. Toch?

door

via (bl)aad(je)

Schrijf je in voor de nieuwsbrief!

Je ontvangt enkele keren per jaar een speciale update!

vorig artikel

Instant Reviews Debut at BWF Superseries Finals

4 jaar geleden

volgend artikel

Seinen door in mix op Slovak Junior

4 jaar geleden

Wat vind jij? Er zijn al 3 waarderingen!

Reacties

+

› lees onze huisregels

Meer nieuws