badmintonline.nl logo
Het laatste nieuws
Het laatste nieuws
 
 
Deze afbeelding hoort bij 'Investeren in de juiste spelers en structuur' en is gemaakt door badmintonline
© badmintonline

Investeren in de juiste spelers en structuur

Deze afbeelding hoort bij 'Investeren in de juiste spelers en structuur' en is gemaakt door badmintonline
© badmintonline+

In enkele reacties op De (on)zin van het clusteren werd geopperd dat enkele trainers een opzet zouden moeten maken. Niks mis mee. Ik wil graag mijn steentje bijdragen en heb dat ook al gedaan twee maanden terug. Maar een korter stuk schijnt beter te lezen, dus we zullen het eens met een samenvatting proberen.

Een samenvatting van een 10 pagina's lang document dat ik twee maanden geleden naar Badminton Nederland heb gestuurd na mijn bijdrage te hebben geleverd aan één van de discussieavonden m.b.t. talentenontwikkeling. Een prettige avond vanuit mijn gezichtspunt.

We hebben een aantal problemen in Nederland, dat is iedereen wel duidelijk. Ik hoef ze niet allemaal te op noemen, maar ik denk dat er in de communicatie en transparantie wel heel erg veel winst is te behalen om de neuzen meer dezelfde kant op te krijgen. Duidelijkheid helpt en een plan dat te volgen is voor veel mensen ook.

Mijn voorstel baseert zich op het volgende:

Hoofdpunt 1

Eerst het kortste punt in dit betoog. We leven in een wereld met beperkte middelen: geld, tijd, mogelijkheden e.d. Dat is ook in de sport en zeker momenteel bij Badminton Nederland zo. Je wilt je middelen dus investeren waar je de meeste zekerheid hebt dat ze ergens toe leiden: de best mogelijke ontwikkeling van een talent. Dit geldt voor speler en bond.

Wat je dus absoluut niet wilt, is een hoog uitvalspercentage: je investeert tijd en geld. Als vervolgens 30% stopt voor hun seniorenjaren, is dat weggegooid. Je wilt dat percentage van de uitval zo laag mogelijk krijgen. Een hogere return voor je investeringen, maar ook een garantie om je producten te verkopen richting ouders, sponsoren en sportorganisaties. Laten we niet idealistisch zijn: hoe hoger je 'bedrijfsresultaat', hoe beter het is.

Ook als deze talenten niet doorstromen naar de NJS of NS, maar wel blijven spelen krijg je een bredere, sterkere basis. Zeker als je punt 2 hierin gaat meenemen.

Hoofdpunt 2

Je zult als bond een structuur moeten opbouwen met een logica erachter. Deze dient niet iedere keer door passanten volledig veranderd te worden, maar wel met de tijd mee te gaan. Dus geen revolties maar constante evolutie na een eerste revolutie zeg maar (want die is nu duidelijk wel nodig na jaren gebrek aan evolutie). Je kunt hieraan vervolgens altijd refereren, de structuur updaten aan de tijd en natuurlijk zijn het geen 100% regels. Uitzonderingen bestaan, maar binnen een structuur zal ook daarvoor een goede, inhoudelijke motivatie gegeven dienen te worden. Een eerste stap naar transparantie.

Wat verwacht je van badmintonspelers om interessant te zijn voor de NJS en later NS?

Je gaat met vaardigheden omschrijven wat je in iedere leeftijdgroep wilt zien: in de U9 bijvoorbeeld de basisslagen en in de U11 spinslagen en allerlei andere net- en voorveld technieken, enzovoorts. Je gebruikt wat we weten van de motorische ontwikkeling van kinderen hierbij, hierover is al ontzettend veel bekend.

Een voorbeeld op: dartfish.tv. Dit is een link naar de Italiaanse site waarop de slagen staan die we als coaches hier tenminste willen zien in deze leeftijdsgroep. Bij iedere slag zitten video's, een document met beschrijving en een trainingsprogressie in PDF. Het is geheel duidelijk wat er verwacht wordt. Natuurlijk kan het in Nederland anders ingedeeld worden.

Naast de technische uitvoering die best ietwat mag verschillen per trainer, is het belangrijk dat de spelers dus leren de tactische progressie uit te voeren en het bijbehorende voetenwerk. Nu heb je duidelijk wat er van trainingen van academies, scholen en clubs wordt verwacht. Het is makkelijk te combineren en de trainers kunnen elkaar eenvoudig bijwerken en taken verdelen. Dit komt de spelers enkel ten goede.

Het lijkt mij verstandig om hier coördinatieve oefeningen bij te voegen van oog-hand, voetencoördinatie en asdraaiingen. Plus een blok met fysieke oefeningen die goed worden uitgelegd voor iedere leeftijdsgroep.

Om in aanmerking te komen voor de nationale moet je die dingen dus kunnen. Nu is het transparent wat er nodig is. Iedere trainer moet dit kunnen uitvoeren, dus je gaat er ook je opleidingen grotendeels op aanpassen (je gaat weten wat je daarin wilt, de rechterhand weet wat de linker doet enzovoorts).

In mijn voorstel krijg je een piramidestructuur waarin de academies middels dartfish of andere middelen (youtube, dropbox, enz) video's uitwisselen met de top: de technische staf. Het is duidelijk waar de academies aan werken, en de TS van de nationale kan alles goed volgen zonder constant aanwezig te moeten zijn. Ze weten dat de spelers die en die slagen kunnen en tactisch kunnen uitvoeren. Academies doen dit weer richting clubs en vervullen net als scholen zo een kenniscentrum functie in de regio.

Het gaat er niet zozeer om WAAR je 't bereikt, het gaat erom DAT ze de vaardigheden bezitten. Het HOE mag met clubs zijn, met academies, met privétraining in Hawaii. Het maakt mij niet uit en het moet de bond niet uitmaken. Je gaat enkel aangeven: wij verwachten dit en dit.

Nu hebben we dus een oplossing hoe onze talenten te ontwikkelen, wat de personen die dit moeten doen zouden moeten kunnen: invulling opleidingen.

Wat wel een duidelijk feit is, dit alles bereiken met het liefst zo weinig mogelijk extra fysieke en mentale belasting voor spelers gecreëerd door reistijd en extra kosten voor ouders die beter geïnvesteerd kunnen worden in extra individuele training, sportschoolabonnement, extra toernooi in buitenland, een kamp enzovoorts.

Je begint met X vaardigheden die je verwacht, deze ga je eventueel met succes van het project en een stijgend niveau uitbreiden.

Op deze manier weet de TS van de nationale goed waar alle interessante spelers mee bezig zijn, welke vaardigheden ze hebben (dus als je een speler coacht weet je zeker welke slagen en tactische toepassing hiervan deze kent), en je kunt gemakkelijk een database aanleggen en spelersvolgprofielen. Van beide kanten (academies/scholen/clubs en NJS) kun je hier informatie bijwerken e.d. Spelers kunnen hun eigen profiel volgen samen met hun coach, zodat ze weten wat er ook verwacht wordt.

Als een speler niet aan de vaardigheden en fysieke eisen beantwoordt, kan deze zeker gevolgd worden, maar niet uitgezonden worden als speler van BNL. Wel kan deze op eigen titel doen en laten wat hij of zij wil natuurlijk. Het kan namelijk gebeuren dat een speler uitstekende vaardigheden heeft, maar zich fysiek later ontwikkelt, met als gevolg dat deze niet aan de fysieke eisen voor een Onder 17 beantwoordt.

Clusteren kun je eens per zoveel tijd doen, je hebt het immers niet nodig de spelers constant te zien, je wilt ze volgen. Sparring is vaak voldoende in academies en clubs te vinden met combinatie van senioren indien nodig. Mocht er in de toekomst weer geld zijn, dan ga je ze weer intern zetten, zoniet moet je veel werk aan de clubs, academies en scholen laten, maar wel duidelijk aangeven wat er verwacht wordt, hoe en waarom. Je stemt je opleidingen hierop af.

Wat je verder doet is iedere keer dat je schoolvakanties e.d. hebt, of lange weekenden, een soort trainingskamp inlast van de nationale om sparring te creëren en vooruitgang te controleren en te bespreken met de trainers van de spelers die je het liefst uitnodigt voor deze dagen/weken.

In mijn voorstel was ook nog een deel voor het BWF project Shuttletime, een uitstekende manier om met badminton te beginnen en promotie te doen voor clubs bij scholen. Het is officieel een schoolproject, maar uitstekend geschikt voor jeugdbadminton. Ik denk dat BNL niet verkeerd zou doen, clubs en trainers/jeugdleiders te helpen met dit product, gratis bovendien. Zo ben je als bond dichterbij je clubs en kunt helpen je eigen sport te promoten.

Dit was de korte versie, en ik zie werkelijk niet in hoe het huidige voorstel van clusteren ook maar enigszins in de buurt komt van een nuttige bijdrage aan de ontwikkeling van onze talenten en jeugdspelers.

Het gaat erom wat ze kunnen, hoe ze dat bereiken is relatief minder belangrijk, al dien je d.m.v. dartfish of soortgelijk programma, trainersopleiding enz. zoveel mogelijk hulp te bieden. Maar ik denk dat alle studies wel duidelijk erover zijn dat hoe minder reisbelasting, extra stress e.d. je schept, hoe beter dat voor de prestaties en trainingskwaliteit is.

Conclusie

De beperkte middelen zo goed mogelijk aanwenden. Is er geen geld voor een interne of uitbestede selectie? Ok. Je gaat met vaardigheden en kwaliteiten werken, hoe ze dat behalen is niet je eerste zorg. Komen we dan ooit in de gelukkige situatie dat er 100 spelers rondlopen die het allemaal kunnen, dan ga je dingen toevoegen en dan mag de TS best andere eisen stellen: selectietoernooien, ranglijsten of wat dan ook, maar allereerst zal er beantwoord moeten worden aan de basisvaardigheden en dat is al uitdaging genoeg.

Uitdaging voor spelers en weten wat de volgende stap is die ze kunnen gaan proberen te maken in hun ontwikkeling is een grote stimulans: het is duidelijk wat ze moeten kunnen, hoe wordt getoond, e.d. ze zijn veel meer betrokken, dit geeft leermotivatie en kan uitval voorkomen.

In een goede structuur hangt alles samen: de spelers en ouders hebben duidelijkheid, de bond is niet afhankelijk van voorbijgangers maar heeft een eigen structuur, je trainersopleiding stem je erop af, er is meer transparantie omtrent selectie e.d. je voorkomt prestatiemodellen bij de jongere jeugd en gebruikt ontwikkelingsmodellen wat veel meer motiverend werkt. In de U13 mag iemand wel Nederlands Kampioen zijn omdat hij of zij fysiek al 16 is, maar als deze niet de vaardigheden heeft die nodig zijn, dan wordt deze niet geselecteerd, omdat het op lange termijn niet een goede investering is.

Ik hoop dat deze samenvatting een insteek is voor een constructieve discussie.

door

Wat vind jij? Er zijn al 18 waarderingen!

Over de auteur: Henri Vervoort

Henri is actief als trainer en coach in Italië. Hij is tegelijkertijd bekend en berucht om zijn longform artikelen over badminton.

Schrijf je in voor de nieuwsbrief!

Je ontvangt enkele keren per jaar een speciale update!

Reacties

+

› lees onze huisregels

Over de auteur: Henri Vervoort

Henri is actief als trainer en coach in Italië. Hij is tegelijkertijd bekend en berucht om zijn longform artikelen over badminton.

TEST

Meer nieuws