We zijn op 4 september in de avond vertrokken naar Tokyo, met een kleine tussenstop in Seoul. Zoals ik al zei was het 2e toernooi in Korea, Seoul, dus de terugweg hebben we fijn een rechtstreekse vlucht gehad naar huis. Wat turbulentie tijdens de vlucht, maar het viel mee en ik heb me goed vermaakt met series kijken en uiteraard ook badmintonbeelden analyseren. Onze eigen wedstrijden terugkijken is erg belangrijk om ervan te kunnen leren, aan dingen werken en weer vooruit te kijken.
Hoe heb ik de laatste twee weken heb ervaren? Uiteindelijk zijn we beide keren door de zelfde tegenstanders uitgeschakeld en dat was in Japan in de 2e ronde en ik Korea in de kwartfinale. Heel zuur is dit, omdat we zeker in Japan kansen hadden om te kunnen winnen alleen aan het einde van de 3e set net wat te veel foutjes maakte. Zo zonde, zo dichtbij, zo goed gespeeld, maar weer net niet. Natuurlijk staan deze meiden niet voor niks nummer 2 van de wereld, maar toch... er waren zeker kansen!
Nieuwe kansen weer tijdens de Korea Open en zo gingen we ook zeker de kwartfinale van start. Er stond wind in de hal, heel veel wind. Dit doordat de airco aan was en het eigenlijk ongelofelijk is hoeveel verschil er per kant is. Om even een beetje een duidelijk beeld te geven. Vanaf de ene kant was het niet eens mogelijk om de shuttle zachtjes naar het achterveld te slaan, dan zou deze een meter uitwaaien. Van de andere kant kon je zo hard doorslaan als je wilde, nooit zou je de shuttle uit slaan. Wij, maar natuurlijk ook onze tegenstanders, hadden te maken met een heel andere vorm van badminton.
Lees de rest van dit artikel op de website van Eefje Muskens.