Investeren in de juiste spelers en structuur

Investeren in de juiste spelers en structuur

In enkele reacties op <i>De (on)zin van het clusteren</i> werd geopperd dat enkele trainers een opzet zouden moeten maken. Niks mis mee. Ik wil graag mijn steentje bijdragen en heb dat ook al gedaan twee maanden terug. Maar een korter stuk schijnt beter te lezen, dus we zullen het eens met een samenvatting proberen.

Een samenvatting van een 10 pagina's lang document dat ik twee maanden geleden naar Badminton Nederland heb gestuurd na mijn bijdrage te hebben geleverd aan één van de discussieavonden m.b.t. talentenontwikkeling. Een prettige avond vanuit mijn gezichtspunt.

We hebben een aantal problemen in Nederland, dat is iedereen wel duidelijk. Ik hoef ze niet allemaal te op noemen, maar ik denk dat er in de communicatie en transparantie wel heel erg veel winst is te behalen om de neuzen meer dezelfde kant op te krijgen. Duidelijkheid helpt en een plan dat te volgen is voor veel mensen ook.

Mijn voorstel baseert zich op het volgende:

Hoofdpunt 1

Eerst het kortste punt in dit betoog. We leven in een wereld met beperkte middelen: geld, tijd, mogelijkheden e.d. Dat is ook in de sport en zeker momenteel bij Badminton Nederland zo. Je wilt je middelen dus investeren waar je de meeste zekerheid hebt dat ze ergens toe leiden: de best mogelijke ontwikkeling van een talent. Dit geldt voor speler en bond.

Wat je dus absoluut niet wilt, is een hoog uitvalspercentage: je investeert tijd en geld. Als vervolgens 30% stopt voor hun seniorenjaren, is dat weggegooid. Je wilt dat percentage van de uitval zo laag mogelijk krijgen. Een hogere return voor je investeringen, maar ook een garantie om je producten te verkopen richting ouders, sponsoren en sportorganisaties. Laten we niet idealistisch zijn: hoe hoger je 'bedrijfsresultaat', hoe beter het is.

Ook als deze talenten niet doorstromen naar de NJS of NS, maar wel blijven spelen krijg je een bredere, sterkere basis. Zeker als je punt 2 hierin gaat meenemen.

Hoofdpunt 2

Je zult als bond een structuur moeten opbouwen met een logica erachter. Deze dient niet iedere keer door passanten volledig veranderd te worden, maar wel met de tijd mee te gaan. Dus geen revolties maar constante evolutie na een eerste revolutie zeg maar (want die is nu duidelijk wel nodig na jaren gebrek aan evolutie). Je kunt hieraan vervolgens altijd refereren, de structuur updaten aan de tijd en natuurlijk zijn het geen 100% regels. Uitzonderingen bestaan, maar binnen een structuur zal ook daarvoor een goede, inhoudelijke motivatie gegeven dienen te worden. Een eerste stap naar transparantie.

Wat verwacht je van badmintonspelers om interessant te zijn voor de NJS en later NS?

Je gaat met vaardigheden omschrijven wat je in iedere leeftijdgroep wilt zien: in de U9 bijvoorbeeld de basisslagen en in de U11 spinslagen en allerlei andere net- en voorveld technieken, enzovoorts. Je gebruikt wat we weten van de motorische ontwikkeling van kinderen hierbij, hierover is al ontzettend veel bekend.

Een voorbeeld op: dartfish.tv. Dit is een link naar de Italiaanse site waarop de slagen staan die we als coaches hier tenminste willen zien in deze leeftijdsgroep. Bij iedere slag zitten video's, een document met beschrijving en een trainingsprogressie in PDF. Het is geheel duidelijk wat er verwacht wordt. Natuurlijk kan het in Nederland anders ingedeeld worden.

Naast de technische uitvoering die best ietwat mag verschillen per trainer, is het belangrijk dat de spelers dus leren de tactische progressie uit te voeren en het bijbehorende voetenwerk. Nu heb je duidelijk wat er van trainingen van academies, scholen en clubs wordt verwacht. Het is makkelijk te combineren en de trainers kunnen elkaar eenvoudig bijwerken en taken verdelen. Dit komt de spelers enkel ten goede.

Het lijkt mij verstandig om hier coördinatieve oefeningen bij te voegen van oog-hand, voetencoördinatie en asdraaiingen. Plus een blok met fysieke oefeningen die goed worden uitgelegd voor iedere leeftijdsgroep.

Om in aanmerking te komen voor de nationale moet je die dingen dus kunnen. Nu is het transparent wat er nodig is. Iedere trainer moet dit kunnen uitvoeren, dus je gaat er ook je opleidingen grotendeels op aanpassen (je gaat weten wat je daarin wilt, de rechterhand weet wat de linker doet enzovoorts).

In mijn voorstel krijg je een piramidestructuur waarin de academies middels dartfish of andere middelen (youtube, dropbox, enz) video's uitwisselen met de top: de technische staf. Het is duidelijk waar de academies aan werken, en de TS van de nationale kan alles goed volgen zonder constant aanwezig te moeten zijn. Ze weten dat de spelers die en die slagen kunnen en tactisch kunnen uitvoeren. Academies doen dit weer richting clubs en vervullen net als scholen zo een kenniscentrum functie in de regio.

Het gaat er niet zozeer om WAAR je 't bereikt, het gaat erom DAT ze de vaardigheden bezitten. Het HOE mag met clubs zijn, met academies, met privétraining in Hawaii. Het maakt mij niet uit en het moet de bond niet uitmaken. Je gaat enkel aangeven: wij verwachten dit en dit.

Nu hebben we dus een oplossing hoe onze talenten te ontwikkelen, wat de personen die dit moeten doen zouden moeten kunnen: invulling opleidingen.

Wat wel een duidelijk feit is, dit alles bereiken met het liefst zo weinig mogelijk extra fysieke en mentale belasting voor spelers gecreëerd door reistijd en extra kosten voor ouders die beter geïnvesteerd kunnen worden in extra individuele training, sportschoolabonnement, extra toernooi in buitenland, een kamp enzovoorts.

Je begint met X vaardigheden die je verwacht, deze ga je eventueel met succes van het project en een stijgend niveau uitbreiden.

Op deze manier weet de TS van de nationale goed waar alle interessante spelers mee bezig zijn, welke vaardigheden ze hebben (dus als je een speler coacht weet je zeker welke slagen en tactische toepassing hiervan deze kent), en je kunt gemakkelijk een database aanleggen en spelersvolgprofielen. Van beide kanten (academies/scholen/clubs en NJS) kun je hier informatie bijwerken e.d. Spelers kunnen hun eigen profiel volgen samen met hun coach, zodat ze weten wat er ook verwacht wordt.

Als een speler niet aan de vaardigheden en fysieke eisen beantwoordt, kan deze zeker gevolgd worden, maar niet uitgezonden worden als speler van BNL. Wel kan deze op eigen titel doen en laten wat hij of zij wil natuurlijk. Het kan namelijk gebeuren dat een speler uitstekende vaardigheden heeft, maar zich fysiek later ontwikkelt, met als gevolg dat deze niet aan de fysieke eisen voor een Onder 17 beantwoordt.

Clusteren kun je eens per zoveel tijd doen, je hebt het immers niet nodig de spelers constant te zien, je wilt ze volgen. Sparring is vaak voldoende in academies en clubs te vinden met combinatie van senioren indien nodig. Mocht er in de toekomst weer geld zijn, dan ga je ze weer intern zetten, zoniet moet je veel werk aan de clubs, academies en scholen laten, maar wel duidelijk aangeven wat er verwacht wordt, hoe en waarom. Je stemt je opleidingen hierop af.

Wat je verder doet is iedere keer dat je schoolvakanties e.d. hebt, of lange weekenden, een soort trainingskamp inlast van de nationale om sparring te creëren en vooruitgang te controleren en te bespreken met de trainers van de spelers die je het liefst uitnodigt voor deze dagen/weken.

In mijn voorstel was ook nog een deel voor het BWF project Shuttletime, een uitstekende manier om met badminton te beginnen en promotie te doen voor clubs bij scholen. Het is officieel een schoolproject, maar uitstekend geschikt voor jeugdbadminton. Ik denk dat BNL niet verkeerd zou doen, clubs en trainers/jeugdleiders te helpen met dit product, gratis bovendien. Zo ben je als bond dichterbij je clubs en kunt helpen je eigen sport te promoten.

Dit was de korte versie, en ik zie werkelijk niet in hoe het huidige voorstel van clusteren ook maar enigszins in de buurt komt van een nuttige bijdrage aan de ontwikkeling van onze talenten en jeugdspelers.

Het gaat erom wat ze kunnen, hoe ze dat bereiken is relatief minder belangrijk, al dien je d.m.v. dartfish of soortgelijk programma, trainersopleiding enz. zoveel mogelijk hulp te bieden. Maar ik denk dat alle studies wel duidelijk erover zijn dat hoe minder reisbelasting, extra stress e.d. je schept, hoe beter dat voor de prestaties en trainingskwaliteit is.

Conclusie

De beperkte middelen zo goed mogelijk aanwenden. Is er geen geld voor een interne of uitbestede selectie? Ok. Je gaat met vaardigheden en kwaliteiten werken, hoe ze dat behalen is niet je eerste zorg. Komen we dan ooit in de gelukkige situatie dat er 100 spelers rondlopen die het allemaal kunnen, dan ga je dingen toevoegen en dan mag de TS best andere eisen stellen: selectietoernooien, ranglijsten of wat dan ook, maar allereerst zal er beantwoord moeten worden aan de basisvaardigheden en dat is al uitdaging genoeg.

Uitdaging voor spelers en weten wat de volgende stap is die ze kunnen gaan proberen te maken in hun ontwikkeling is een grote stimulans: het is duidelijk wat ze moeten kunnen, hoe wordt getoond, e.d. ze zijn veel meer betrokken, dit geeft leermotivatie en kan uitval voorkomen.

In een goede structuur hangt alles samen: de spelers en ouders hebben duidelijkheid, de bond is niet afhankelijk van voorbijgangers maar heeft een eigen structuur, je trainersopleiding stem je erop af, er is meer transparantie omtrent selectie e.d. je voorkomt prestatiemodellen bij de jongere jeugd en gebruikt ontwikkelingsmodellen wat veel meer motiverend werkt. In de U13 mag iemand wel Nederlands Kampioen zijn omdat hij of zij fysiek al 16 is, maar als deze niet de vaardigheden heeft die nodig zijn, dan wordt deze niet geselecteerd, omdat het op lange termijn niet een goede investering is.

Ik hoop dat deze samenvatting een insteek is voor een constructieve discussie.

WhatsApp X

Reacties 6

Harm van Schaik

Ikzelf heb met het onderwerp 'topsport' weinig ervaring, maar laat ik toch ook een bijdrage leveren aan deze discussie en dat doe ik door een aantal vragen te stellen en die ook meteen te beantwoorden met de kennis die ik nu heb.

Hoe creëer je een (single) topper?
Het lijkt mij dat als je een topper (toekomstige wereldspeler) wilt creëren dat je aan een vijftal voorwaarden moet voldoen in de opleiding:
Voorwaarde 1: speler heeft eigen trainersstaf die een persoonlijk trainingsplan elk jaar maakt, trainingen op maat geeft, progressie samen beoordeelt en zorgt voor fysieke en mentale begeleiding. Eigenlijk het gehele plaatje: techniek, tactiek, fysiek en mentaal. Het betekent ook dat iemand van de persoonlijke trainersstaf mee gaat naar nationale en internationale toernooien voor de coaching en beoordeling.
Voorwaarde 2: trainers die in deze eigen trainersstaf zijn opgenomen weten hoe ze een speler kunnen opleiden tot een topper.
Voorwaarde 3: speler kan twee keer op een doordeweekse dag in de hal trainen: 's ochtends en 's middags.
Voorwaarde 4: speler heeft kwalitatieve goede sparring; wordt uitgedaagd door andere spelers.
Voorwaarde 5: voor de ouders dient het hele pakket wat nodig is betaalbaar te blijven en dat het ook het liefst dicht bij huis is. Anders dienen er mogelijkheden te zijn dat er intern gewoond kan worden.

Waarom deze voorwaarden en hoe worden deze voorwaarden nu ingericht?
Voorwaarde 1: een speler heeft een eigen trainersstaf nodig, zodat ervoor kan worden gezorgd dat elke training die wordt gegeven door de eigen trainersstaf een positieve bijdrage levert aan de ontwikkeling van de speler. Wat je nu in Nederland veelal ziet is dat een speler bij meerdere onafhankelijke trainers traint: badmintonacademie, vereniging en nationale selectie, waardoor er geen sprake meer is van een specifiek trainingsprogramma. Voorbeeld: speler A wilt een internationale single topper worden, maar krijgt bij de doordeweekse donderdagavond training bij vereniging B een dubbeltraining -> verloren tijd!!!
Voorwaarde 2: de trainers die de trainingen voor de speler verzorgen, dienen te weten hoe je een speler beter dient te maken. De trainers moeten weten wat er nodig is om iemand in de toekomst een wereldspeler te maken. Dus het gaat om kwalitatief hoge trainingen geven. Kwaliteiten die een trainer dient te hebben is om een up to date spelersprofiel te maken/hebben (bepalen niveau's van vaardigheden). Naar aanleiding van het spelersprofiel, wordt bepaald welke vaardigheden er verbetert dienen te worden (naar welk niveau dienen de vaardigheden te gaan). En vervolgens moet een trainer weten hoe het verhoogd niveau kan worden bereikt: hoe moet je een bepaalde vaardigheid trainen. Hoe het nu gaat, heb ik weinig kijk op. Maar ik heb zo'n vermoeden dat van heel weinig spelers in de nationale selectie een up to date spelersprofiel aanwezig is. En daarnaast ook een individueel trainingsprogramma, welke aangeeft wat er bij de specifieke speler verbetert dient te worden. Als dit klopt (ik speculeer nu), kan je de conclusie trekken dat de trainers die de speler begeleiden (academie, nationale, vereniging) maar wat aan kloten.
Voorwaarde 3: Naast kwaliteit in de trainingen, is kwantiteit even belangrijk. Hoe meer je een bepaalde vaardigheid oefent, hoe beter je er in wordt. Dus hoe meer je badmintont, hoe beter je er in zal worden. Met 's ochtends bedoel ik een training voordat er na school wordt gegaan en 's middags betekent een training na school. De schoolperiode dient dan als rust periode. Heel weinig spelers uit de nationale selectie trainen iedere werkdag twee keer. Alleen de spelers die op Papendal wonen, en die zijn dan al 17/18 jaar, trainen twee keer per dag.
Voorwaarde 4: een speler dient uitgedaagd te worden door andere spelers: kwalitatieve goede sparring. Hij moet op de training af en toe verliezen van een andere speler op diezelfde training, zodat hij weet dat er concurrentie is; een bedreiging. Daardoor gaat deze speler extra zijn best doen: afkijken van wat die andere speler doet en dat kopiëren. De huidige situatie is denk ik dat spelers uit de nationale selectie genoeg sparring krijgen binnen hun trainingsgroep. Dus hetzij bij de academie, vereniging of nationale selectie.
Voorwaarde 5: de trainersstaf, zaalhuur, shuttles en vervoer moeten allemaal betaald worden. Als ouders dit allemaal zouden moeten ophoesten, zouden beide ouders moeten werken en een bovengemiddeld inkomen moeten hebben. Dit is niet realistisch, het moet betaalbaar blijven, anders zal je nooit toppers kunnen opleiden.

Dus je zal creatief moeten zijn met de middelen vanuit de badmintonbond (deel van de contributie die binnenkomt die gealloceerd zijn voor de opleiding) en ook met oplossingen. Oplossingen kunnen zijn dat de spelers intern gaan wonen: geen reiskosten meer, maar ook geen tijdverlies. Shuttles zouden eventueel gesponsord kunnen worden door een groot badmintonmerk. Zaalhuur wordt door de badmintonbond betaald.

Hoe het nu is, is dat Badminton Nederland geld vraagt van badminton academies en schools. Terwijl ik denk dat ze deze beter financieel kunnen ondersteunen, om het betaalbaar te maken voor de ouders van de spelers. En ook wat Henri aangeeft, de belangrijkste reden dat spelers ermee stoppen is vanwege de reistijden. Deze reistijden zijn er nu.

Welk systeem/welke systemen voldoen aan de vijf voorwaarden?
Een centralistisch systeem, waarbij je alle spelers uit de nationale selectie intern laten wonen. Een systeem zoals dat wat Papendal nu is, alleen dan op nog jongere leeftijd.
Een decentraal systeem, waarbij alle spelers bij een academie (of hoe je het ook wilt noemen) trainen, die twee keer op een werkdag training aanbiedt: 's ochtends en 's middags.

Wat zijn de voor- en nadelen van beide systemen?
Het centralistisch systeem heeft als grote voordeel dat de sparring voor de spelers optimaal is: de spelers die van niveau zijn, zet je bij elkaar. Ze gaan elkaar uitdagen, want ze willen allemaal de beste zijn. Ook kan je alle beschikbare middelen inzetten om dit beperkt groepje spelers beter te maken. Probleem met dit systeem is dat je op 1 paard wet: alleen de spelers die opgenomen zijn in het centra, ontvangen genoeg training. Maar de spelers buiten dit systeem, ontvangen dit niet. Je creëert dus een hele smalle bodem. Met op 1 paard wedden bedoel ik ook dat er geen concurrentie meer is tussen opleidingscentra; trainers worden laks, wat een gevaar kan zijn.Daarnaast haal je jonge (mentaal kwetsbare) kinderen weg bij hun ouders. Of dit motiverend werkt, is een tweede.

Het decentraal systeem heeft als grote voordeel dat verspreid over Nederland een aantal onafhankelijke opleidingsinstituten zijn, die met elkaar concurreren, en waarbij de spelers bij hun ouders kunnen blijven wonen. Ook zal de bodem breder zijn: grotere groep spelers ontvangt training. Nadeel van decentraal werken is dat de sparring minder is: spelers van dezelfde leeftijd trainen bij verschillende opleidingsinstituten verspreid over Nederland. Daarnaast worden de beperkte (financiële) middelen uitgesmeerd over verschillende instituten. Wordt het geld dan niet te dun gezaaid?

Is een hybride systeem van centraal en decentraal ook niet mogelijk?
Theoretisch gezien lijkt een mix van een centraal en een decentraal systeem optimaal te werken: de voordelen van 1 systeem doet de nadelen van het andere systeem teniet. Helaas gaat dit in de praktijk niet op. Want eigenlijk is het huidige systeem met academies, verenigingen en nationale selectie een hybride systeem. En toch functioneert het niet. De reden hiervan is denk ik dat geen van de organisaties de verantwoordelijkheid durft te nemen voor de optimale ontwikkeling van de speler. En als een bepaalde organisatie dit wel doet, dan wordt deze organisatie teruggefloten door 1 van de andere organisaties. De drie organisatie hebben elkaar dus elkaar klem, komen niet los. Hierdoor vind er geen innovatie meer plaats.

Waar gaat de voorkeur dan naar uit, als je het mij vraagt?
Een decentraal systeem lijkt op papier het beste te gaan functioneren: spelers blijven bij ouders wonen, opleidingsinstituten concurreren met elkaar om de beste te zijn en een brede bodem van spelers wordt er gelegd; sparring over een brede groep spelers. Eigenlijk dezelfde conclusie die Henri trekt, alleen geloof ik niet in rol voor Badminton Nederland om een centralistisch rol aan te nemen; coördinerend en controlerend. Hierin hebben ze in het verleden gefaald, en dit zal de toekomst ook gebeuren. Reden: verantwoordelijkheid wordt dan weer gedeeld tussen het opleidingsinstituut en Badminton Nederland, waardoor de twee organisaties elkaar weer klem hebben; geen innovatie. Opleidingsinstituten moet je vrij laten in wat ze de spelers aanleren. Want je gaat er vanuit dat door concurrentie tussen de opleidingsinstituten de best mogelijke trainingen worden aangeboden; invisible hand of the market.

gerard

Hoi Ron, zoals eerder wel eens aangegeven heb ik zelf totaal geen verstand over badmintontechnische zaken. Het blijft wel jammer dat het gaat zoals het nu gaat. Het zal een gezellige boel worden in Tilburg komend weekend. Jij, Nathalie Mulders, Rene Sehr die "zijn" kinderen terecht gaat coachen, als de kinderen dat willen tenminste neem ik aan. De loting waarbij vele hun twijfels hebben. Hoe groot is de druk door allerlei bijzaken nu al voor al die spelers. Sportieve druk hoort erbij maar deze druk lijkt mij totaal verkeerd. Mijn dochter is pas negen en dus nog niet toe aan een NJK. Ik hoop dat het tegen die tijd op een eerlijkere manier zal verlopen en dat de handen in één geslagen zijn. Als de verhalen lees is dit een utopie maar je weet het nooit. Misschien komend weekeinde een eerste aanzet?

henri vervoort

even voor de duidelijkheid, ik ben samen met enkele andere betrokken badminton liefhebbers in Nieuwegein geweest omdat ik toevallig in NL was en de kans niet voorbij wilde laten gaan een bijdrage te leveren. Aan de hand van de discussie onderwerpen heb ik aantal opmerkingen gemaakt Hoe je de boel kunt verbeteren. Na een bedankje van ton wijers voor mijn bijdrage heb ik op eigen initiatief wat dingen opgeschreven. niet zozeer omdat ik denk dat t de perfecte optie zou zijn, maar iets wat haalbaar is zelfs voor BNL en vooral draagbaar en waarin je enkele grote problemen aanpakt zowel binnen topsport en breedte. bovendien geeft t de mogelijkheid om de opleidingen tenminste ergens op af te stemmen.

vandaar.

Het kan nog veel vooruit stevender dat ben ik verder helemaal met Ron eens, maar het leek mij goed te proberen wat bruggen te bouwen puur omdat t zo echt niet verder kan. persoonlijk zie ik liever meer een semi individueel model.

ton heeft mij bedankt voor t inspirerende stuk en tiestemming gevraagd er met enkele trainers over te spreken. graag. tot nu toe geen reactie meer gehad. dat mag.
maar in t licht van de ontwikkelingen rondom njs en clusteren en eerder uutzendingrn leek t me nuttig dit relatief

Ron Daniels

Hoi Gerard, we hebben het een aantal keer geprobeerd en keer op keer krijg je de deur in je gezicht van de bond. Maar ook nu weer neem ik als eerste plaats als ze echt iets willen, twee jaar terug heb ik al bij het bestuur aangegeven dat ze Henri moesten betrekken bij het nieuwe beleid, dat wilde ze toen niet doen. Het is dus al een hele vooruitgang dat ze hem nu hebben gevraagd een plan te schrijven, maar ook dat is eerder gevraagd en ook daar is niets van terecht gekomen.
Dit plan is heel simpel en er zit weinig nieuws bij het is een veredeld badminton diploma systeem, en er zijn een aantal punten die ik sterk in twijfel trek. Maar we zullen daar heel zeker over gaan praten deze zomer en ik weet dat we er altijd uitkomen ........................ als je maar overlegt :-)
Wat wel aardig is dat is het feit dat ook Henri zegt dat we eerst een revolutie nodig hebben voor dat we gaande weg kunnen bijstellen, het is namelijk het ontbreken van zo'n revolutie dat vandaag voor alle problemen zorgt. Zo kan het gebeuren dat een uitstekende trainer zonder werk komt te zitten juist omdat hij teveel weet en zijn kennis niet bij de bond vandaan haalt, een trainer die niets kan en echt in de onderlaag thuis hoort het straks voor het zeggen gaat krijgen. Je moet er toch niet aan denken dat we na het vertrek van Robbie met deze ramp worden opgezadeld.

gerard

Een duidelijk verhaal met een goed betoog. Eindelijk ook een verhaal zonder alle negatieve uitlatingen die de puinhoop bij het nederlandse badminton momenteel los maakt. Ik ben dan weer wel benieuwd of BNL hierop heeft gereageerd en of ze ook gebruik willen maken van je kennis i.c.m. de kennis die er toch ook binnen BNL zou moeten zijn. Het zou toch mogelijk moeten zijn om alle mensen (trainers), met een onafhankelijke voorzitter, die het goed voor hebben met het badminton samen aan tafel te krijgen, oud zeer uit te praten en met z'n allen een plan te maken voor de toekomst. Want ik ben ervan overtuigd dat niemand alle wijsheid in pacht heeft maar dat als je alle kennis van de "buitenlandse" trainers met hun aanhang en de trainers van de BNL samen brengt er een succevol plan uitmoet komen. Alleen moet dan wel iedereen bereid zijn om ego even in de kast te stoppen. Uiteraard zal daarbij iedereen moeten geven en nemen maar uit eindelijk is er maar 1 doel en dat is onze kinderen beter te maken als badminton talent of ze in ieder geval veel plezier te laten hebben in dit mooie spelletje.

ouder

kan alleen maar zeggen ,mooi plan,kan goed uitgewerkt worden lijkt mij.
Duidelijk voor trainers,(die het begrijpen) zodat ze weten waar ze aan moeten werken.
Misschien een idee om elk jaar op het einde van seizoen door trainers van nationale (indien ze dit kunnen) een diploma uit te reiken voor de spelers die de vaardigheid hebben geleerd dat jaar?
Zo blijven kinderen gemotiveerd,trainers getest,en trainers nationale op de hoogte van kunnen spelers in het land.
Dit zou ik wel toepassen op scholen en academie zodat ouders kunnen kiezen waar trainingen voor hun kinderen willen laten plaats vinden.
Zodat ze niet weer door heel het land hoeven te reizen.

Reacties zijn afkomstig uit de periode dat badmintonline.nl Disqus gebruikte als reactiesysteem.

Meer over dit onderwerp

Debora Jille en Alyssa Tirtosentono bezorgen Duinwijck 29ste landstitel

Debora Jille en Alyssa Tirtosentono bezorgen Duinwijck 29ste landstitel

Badminton Nederland stelt Kim Nielsen aan als projectcoach

Badminton Nederland stelt Kim Nielsen aan als projectcoach

Nationale selectie Badminton Nederland verhuist naar Westervoort

Nationale selectie Badminton Nederland verhuist naar Westervoort

Subsidies geschrapt voor topbadminton

Subsidies geschrapt voor topbadminton

Meer weten over badminton?

Badminton Nederland

allerlei

Wat is Badminton Nederland?