Gedurende het verloop van deze procedure hebben zij geen deel uitgemaakt van de nationale selectie. Veel jeugdspelers hebben zich echter als gevolg van het beleid van de bond genoodzaakt gezien om met hun eigen sponsor te breken; slechts op die manier konden zij immers deel blijven uitmaken van de nationale selectie.
Woensdag jl. heeft de Rechtbank Utrecht in een bodemprocedure de Nederlandse Badminton Bond (Badminton Nederland) veroordeeld om topbadmintonspelers Dicky Palyama, Eric Pang en Judith Meulendijks toe te staan om met een racket met het logo van hun eigen sponsor op landenteamtoernooien voor Nederland uit te komen. Daarmee is voor deze drie topspelers een passende oplossing gevonden.
Dat geldt echter niet voor Nederlands hoogst genoteerde speelster op de wereldranglijst en huidig nationaal kampioene Yao Jie en huidig nationaal juniorenkampioene Kirsten van der Valk en vele jeugdspelers waarvan de bond blijft verlangen dat zij gebruik maken van het materiaal van de sponsor van de bond.
Dunlop Slazenger International, Palayama, Pang, Meulendijks, Jie en Van der Valk menen dat aan alle betrokken spelers de vrijheid moet worden gegund om met materiaal van hun eigen sponsor aan internationale landentoernooien mee te doen. Bovendien blijven zij van oordeel dat door de exclusieve relatie tussen de bond en haar nieuwe sponsor de vrije mededinging wordt geschaad. Zij zijn daarom voornemens om tegen het vonnis van de rechtbank Utrecht van woensdag jl. in hoger beroep te gaan.