Terugblik met Robert Hoogland op zijn eerste jaar als voorzitter van Badminton Nederland

Terugblik met Robert Hoogland op zijn eerste jaar als voorzitter van Badminton Nederland

Tijdens de Denmark Open 2026 had ik een afspraak gemaakt met Robert Hoogland. Een afspraak ver van huis, maar wel op een plek waar 'badmintongekkies' – mensen die helemaal gek zijn van het spelletje – zich thuis voelen.

Maak badmintonline.nl je Google-favoriet

Terugblik op een eerste jaar als voorzitter

Begin dit jaar heb ik Robert ook gesproken. Toen was hij net voorzitter geworden van Badminton Nederland (BNL). Ik had hem deze keer gevraagd voor een tweede gesprek naar aanleiding van zijn eerste jaar als voorzitter van BNL.

De vorige keer moesten er eerst een paar oude koeien uit de sloot, zoals het altijd gaat als badmintonliefhebbers elkaar na een wat langere tijd weer treffen. Nu hoefde dat niet meer; de sloot was leeg.

Clubvoorzitter versus bondsvoorzitter

Een van mijn eerste vragen was of hij een groot verschil ervaart tussen voorzitter zijn van een club of van BNL. Het mag bekend zijn dat Robert voorzitter geweest is van badmintonclub Drop Shot in Den Haag.

Het grootste verschil voor hem is dat de lijnen op de club heel kort zijn. Mensen spreken je aan als ze je zien en sturen je geen lange mails. Bij BNL krijgt hij ook niet zoveel mails. Mensen weten waarschijnlijk wie ze moeten hebben bij het bondsbureau en spreken direct die mensen aan, waardoor de voorzitter niet zoveel mails hoeft te behandelen. Mijn tegenargument is dat de mensen en clubs verder van BNL afstaan en daarom niet of weinig communiceren met BNL.

Afstand tot de achterban en de bondsstructuur

Robert herkent zich niet helemaal in het beeld dat mensen en clubs wat verder afstaan van BNL. Wel erkent hij dat er te weinig afgevaardigden zijn. Zij zouden de clubs moeten vertegenwoordigen binnen de jaarvergaderingen met het bestuur. Het is voor hem een overweging om nog eens te kijken naar de structuur die op dit moment gebruikt wordt binnen BNL. Misschien dat er op andere manieren meer contact gemaakt kan worden met de leden en clubs.

Uitvoering van het strategisch plan

In ons vorige gesprek had Robert aangegeven vast te houden aan het plan dat op dat moment door de jaarvergadering van het bestuur en afgevaardigden was aangenomen. Er is toen een projectmanager aangesteld die het plan zou gaan uitvoeren. Maar zoals gebruikelijk in dit soort situaties gaat de projectmanager dan eerst weer een onderzoekje doen over hoe en wat precies de bedoeling is en maakt dan een prioriteitenlijst. Ik begrijp van Robert dat die lijst in samenspraak met het huidige bestuur inmiddels klaar is en dat er vijf punten op staan die nu uitgevoerd gaan worden. De punten zijn opgepakt door het bondsbureau.

Een van de dingen die inmiddels in een vergevorderd stadium is, is een andere vorm voor de webshop. De laatste gesprekken daarover zijn volgens hem al gevoerd. Een punt dat inmiddels wel gereed is, is sponsorfinding. Dat is uitbesteed aan een gespecialiseerde organisatie.

Ledenontwikkeling en de jeugd vs senioren

Volgens Robert is het ledenaantal van BNL licht gestegen. Op de verenigingen waar we zelf lid van zijn, zijn het de jeugdafdelingen die groeien. Het lijkt dat er meer verenigingen met een groeiend aantal jeugdleden zijn. In de seniorenafdeling lijken er juist minder leden te zijn. Of dat zo is, wil Robert nog wel een keer (laten) onderzoeken. Het heeft immers gevolgen voor de jeugd- en seniorencompetities. Er zijn verenigingen die steeds minder seniorenteams inschrijven in de competitie. Een zorgelijke trend, vinden we beiden.

Terugkeer van de Dutch International

Iets waar hij blij mee is, is dat de Dutch International terugkomt op de badmintonkalender. Het was al drie jaar mogelijk voor clubs om zich te melden om het toernooi te gaan organiseren. Nu zijn er weer een paar ‘badmintongekkies’ opgestaan en gaan het toernooi in 2027 organiseren. Hij hoopt op een goede en prettige samenwerking tussen het bondsbureau en deze nieuwe toernooiorganisatie en dat het toernooi weer een vaste plek krijgt op de internationale badmintonkalender. En dat het uiteraard een van de toernooien in Nederland wordt waar de gehele nationale selectie te zien zal zijn.

Verwarring over de puntentelling

Ik breng mijn verwarring over de puntentelling ter sprake. Ik was in Denemarken bij een toernooi in twee hallen naast elkaar. In de ene hal werd een onder 15-toernooi gespeeld, puntentelling tot 15. In de andere hal een onder 17-toernooi, puntentelling tot 21. Robert legt uit dat de World Badminton Federation (BWF) besloten heeft dat alle toernooien die onder hun auspiciën vallen vanaf 1 januari een puntentelling tot 15 kennen. Maar voor alle andere wedstrijden die niet onder de auspiciën van de BWF vallen, is volgens Robert door de BWF een ‘geitenpad’ gevonden.

Landen kunnen mogelijk zelf gaan bepalen welke puntentelling ze gaan hanteren. De Denen hebben inmiddels besloten de regels van de BWF te gaan volgen en dat vanaf dit seizoen al in te voeren. Het onder 15-toernooi valt onder de Deense bond en mag dus zelf de regels bepalen: puntentelling tot 15. Het onder 17-toernooi viel onder auspiciën van de BWF en ging nog tot 21 punten.

In Nederland moet BNL binnenkort gaan beslissen wat de regels in Nederland gaan worden. Er is een grote discussie over wat we in Nederland gaan doen. Er bestaat de mogelijkheid om in de Nederlandse Badminton Eredivisie tot 15 te spelen (wat een zeer reële mogelijkheid is en op die manier rekening houdt met de spelers die naar de internationale wedstrijden gaan) en in alle andere competities tot 21.

Commercialisering en regeldruk

Ik had van tevoren gezegd dat het gesprek maximaal een uur zou duren. We zitten tenslotte op de Denmark Open en dan wil je toch badminton zien. Het uur is sneller voorbij dan gehoopt. Het gesprek is veel kanten opgegaan, van de hak op de tak gegaan. Veel ideeën en zienswijzen zijn voorbijgekomen, ideeën van mijn kant en zienswijzen van de kant van Robert. Zoals de commerciële kant van BNL. Hoe dat moet en of het bondsbureau daarin ondersteund moet gaan worden; dat moet samen met het bondsbureau nog uitgewerkt worden.

Een ding dat Robert nog wel duidelijk wil maken is dat we, en dat geldt niet alleen voor BNL maar voor alle sportbonden inclusief NOC*NSF, ons niet te veel moeten gaan verliezen in allerlei regels. Dat we op papier alles geregeld willen hebben, alle punten en komma’s op de juiste plek hebben, maar dat er ondertussen op de sportvloer niets gebeurt en de boel stilvalt. Dan raken we de sport kwijt en daar is het tenslotte allemaal om begonnen: de sport.

Afsluiting

We sluiten het gesprek af met de conclusie dat we blij zijn dat er nog ‘badmintongekkies’ rondlopen en hopen dat er nog een aantal bijkomen. Maar ook dat onze mooie sport daarvan niet afhankelijk mag zijn.

Ik ga terug de hal in en Robert gaat naar de VIP-ruimte, kijken of er nog wat te netwerken valt voor BNL. (Hij is er als privépersoon, maar het zijn van voorzitter van BNL laat hem niet helemaal los.) Ik verwacht hem op korte termijn terug in de hal. Het blijft toch een badmintonliefhebber.

WhatsApp X

Wat vind je van dit artikel?

1 reactie

Meer over dit onderwerp

Helemaal niets in Landgraaf: de Master Finales zonder gevoel voor richting

Helemaal niets in Landgraaf: de Master Finales zonder gevoel voor richting

Geen bekercompetitie in seizoen 2026-2027

Geen bekercompetitie in seizoen 2026-2027

Denmark Open 2026: veteranen, een droomfinale en afscheid van een tijdperk

Denmark Open 2026: veteranen, een droomfinale en afscheid van een tijdperk

Denmark Open 2026: magische dagen, robots en een gemiste comeback

Denmark Open 2026: magische dagen, robots en een gemiste comeback

Meer weten over badminton?

badmintonmerken

Wat is RSL?

bamito

badmintonbegrippen

Wat is Bamito?

puntentelling

badmintonspelregels

Hoe werkt de puntentelling bij badminton?